Klikzink

Klikbevestiging leggen bij vorst of regen op een gevel

Solderen stopt bij vorst en bij nattigheid. Het tin hecht niet goed op een koude of vochtige plaat, en een dakdekker die het toch probeert, levert naden op die er nu goed uitzien en het over een paar jaar laten afweten. Bij klikbevestiging speelt dat probleem niet op dezelfde manier, want er wordt niets gesmolten en er hoeft niets te drogen. De klem onder de fels grijpt de plaat mechanisch vast, bij vijftien graden of bij nul. Dat is de reden dat wij zeggen dat het weer minder bepaalt, niet dat het weer niet meer bepaalt.

Wat vorst wel nog steeds doet, is de plaat zelf stugger maken. Staal wordt bij lage temperaturen minder soepel te vouwen, en onze banen zijn koud vouwbaar tot -15 graden. Onder die grens gaat het knippen en zetten van hoeken lastiger, en een haak die er bij twintig graden soepel uitrolt, vraagt bij vorst meer kracht en meer aandacht van wie de plooibank bedient. Op een gevel is dat net iets anders dan op een dak, omdat een verticale baan tijdens het monteren aan de klem hangt in plaats van op de gording te rusten. Een felsrand die niet helemaal recht is gezet, trekt op een dak vooral scheef; op een gevel trekt hij aan zijn eigen bevestigingspunt, en dat voel je terug in hoe strak de volgende baan aansluit.

Regen is het andere verhaal. Een natte plaat is op zichzelf geen probleem voor de klem, die pakt een vochtige rand net zo goed als een droge. Waar regen wel invloed op heeft, is de ondergrond waarop de klemmen worden vastgezet en de grip van wie op een steiger of hangladder werkt. Bij een dak met een lage helling kan een dakdekker vaak nog even doorwerken in een lichte bui, mits het niet glad wordt op het dakvlak zelf. Op een verticale gevel telt vooral de wind die de regen meebrengt, en dat is meteen het punt waarop een gevel zich anders gedraagt dan een dak.

Water dat over een dakvlak loopt, wordt door de fels omhoog gehouden en volgt de helling naar de goot. Op een gevel loopt het water langs de baan naar beneden, in de lengte van de plaat, en de fels moet dat water aan de zijkant tegenhouden zonder dat het onder de klem doorkruipt. Bij vlagerige regen met wind van opzij wordt water tegen de gevel aangedrukt in plaats van dat het er rustig langs afloopt, en dat is precies het moment waarop een aannemer moet beslissen of hij doorwerkt of wacht. Werken in aanhoudende zijwind met regen is geen kwestie van de klem die het niet aankan, het is een kwestie van een monteur die op hoogte met natte handen en een gladde plaat moet hanteren, en dat is een veiligheidsafweging, niet een technische.

De wind zelf grijpt een gevel ook anders aan dan een dak. Op een hellend dakvlak duwt de wind vooral van opzij en soms van onderaf de overstek in; op een gevel staat het hele vlak loodrecht in de wind, en een lange baan die nog niet over zijn hele lengte is vastgeklikt, kan onder een windvlaag gaan trillen of opbollen aan de rand die nog los is. Dat is de reden waarom wij aanraden om bij een gevel per baan door te werken tot de bovenkant is vastgezet, in plaats van een hele rij banen los tegen de gevel te zetten en ze later pas allemaal vast te klikken. Bij een dak is die volgorde minder kritisch omdat het gewicht van de plaat door de helling wordt opgevangen; op een gevel hangt elke baan aan zijn eigen klemmenrij tot die rij compleet is.

Uitzetting speelt op een gevel net zo goed als op een dak, alleen anders. Onze stalen banen zetten ongeveer half zoveel uit als zink, en die beweging moet ergens kunnen. Bij een verticale baan zit die beweging in de lengte, van boven naar onder, en de klem is daarop gemaakt: hij houdt de plaat zijwaarts vast en laat een beetje lengtebeweging toe. Bij grote temperatuurschommelingen, zoals een felle vorstnacht na een zonnige dag, moet die speling er zijn, en dat is bij het leggen zelf niet iets waar vorst of regen invloed op heeft. Het is een reden om niet op het heetst van de dag met de langste banen te werken, eerder dan een reden om bij regen te stoppen.

Wat er misgaat als toch wordt doorgewerkt bij te lage temperaturen, zien wij terug in vouwen die net niet helemaal dichtklappen. Een klem die op een stugge, koude plaat is aangebracht zonder dat de fels volledig is doorgezet, kan er bij eerste inspectie prima uitzien en bij de eerste stevige windvlaag toch een beetje los gaan staan. Dat is geen falen van de klikverbinding als zodanig, het is een gevolg van een verbinding die onder ongunstige omstandigheden niet is afgemaakt zoals hij bedoeld is. Bij regen is het risico eerder dat een monteur op een gladde ondergrond een klem niet recht aandrukt, waardoor de fels aan één kant net iets minder grip heeft dan aan de andere.

De blinde bevestiging zelf, zonder doorboringen door de plaat, verandert waar het dak of de gevel kwetsbaar voor is. Waar bij een geschroefde bevestiging het risico zit bij de schroefgaten die na jaren kunnen gaan lekken, zit het risico bij klikbevestiging bij de klem zelf en bij de kwaliteit van de felsverbinding op het moment van leggen. Dat is precies waarom vorst en regen wel meetellen, ook al is de methode zelf weerbestendiger dan solderen. Het gaat niet om of de klem het water tegenhoudt, dat doet hij bij correcte montage in alle temperaturen die wij toelaten. Het gaat om of de monteur onder de omstandigheden van die dag de klem goed heeft kunnen aandrukken en de fels goed heeft kunnen doorzetten.

Op een gevel komt daar nog iets bovenop, en dat is de toegang. Een dakdekker op een schuin dak heeft meestal zijn eigen gewicht als houvast en werkt van de gording naar boven. Op een gevel werkt de monteur vaak van een steiger of hangladder, en bij regen wordt die steiger net zo glad als een dakvlak, terwijl de handen ook nog de plaat en de klem moeten vasthouden zonder dat het gereedschap wegglijdt. Dat is een reden waarom sommige aannemers een gevelklus bij aanhoudende regen liever een dag uitstellen, ook al zou de klikverbinding zelf niets in de weg staan. Diezelfde afweging speelt niet op een dak met dezelfde felsbanen, waar de dakdekker minder afhankelijk is van los steigermateriaal.

Wij leveren de banen op maat vanaf de wals, en dat heeft indirect ook met weersomstandigheden te maken. Een monteur die op de bouwplaats zelf nog moet knippen en passen bij vorst, verliest tijd en nauwkeurigheid op het moment dat de plaat al stugger is. Doordat onze banen al op de millimeter zijn afgekort, blijft er op de gevel vooral het klikken en het aandrukken van de klem over, en dat is precies het onderdeel van het werk dat het minst gevoelig is voor het weer. Waar een dakdekker bij een schoorsteendoorvoer of een dakraam nog lokaal moet passen en solderen op een felsdak, is dat bij een gevel met klikbanen meestal beperkt tot de aansluitingen, zoals wij uitleggen bij de gevelaansluiting op een gevel in plaats van een dak.

Of een gevelklus met vorst of regen kan doorgaan, is dus geen kwestie van de klikverbinding zelf, die verdraagt beide beter dan een gesoldeerde naad. Het is een kwestie van wat de monteur op dat moment nog goed kan uitvoeren: platen zetten die niet te stug zijn geworden, klemmen aandrukken op een oppervlak waar hij grip op heeft, en werken op een steiger die niet glad is geworden. Wie dat vooraf met de aannemer bespreekt, weet wanneer een gevelklus bij welk weer wel of niet door kan gaan, en dat is een ander gesprek dan bij een dak.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContactPrivacyverklaring Klikzink
Contact
Adres
© Klikzink