Klikzink

Twee metalen bij elkaar op houten dakbeschot

Op een dak zitten vaak meer metalen dan je in eerste instantie ziet. Onze stalen felsbanen liggen op het dakvlak, maar daarnaast hangt misschien een koperen hemelwaterafvoer, ligt er een loden slabbe tegen de schoorsteen, of is het kilgootprofiel van aluminium. Zolang die metalen droog van elkaar gescheiden blijven, is er niets aan de hand. Zodra ze elkaar raken en er vocht bij komt, ontstaat een stroompje tussen de twee, en het onedelste metaal van de twee gaat daaraan ten onder. Dat is geen slijtage door weer en wind, het is een elektrochemisch proces, en het gaat door zolang het contact blijft bestaan.

De volgorde ligt vast. Koper is edel en tast bijna niets aan, staal en zink zijn onedel en leveren in, aluminium zit daar ergens tussenin en is gevoelig voor contact met koper in vochtige omstandigheden. Praktisch betekent dit dat een koperen afvoerpijp die tegen een stalen dakrand aanleunt, op de duur een gaatje in dat staal veroorzaakt op precies de plek van het contact. Niet over het hele dak, niet geleidelijk over de jaren verdeeld, maar lokaal en geconcentreerd op het raakpunt. Dat is lastiger te herkennen dan gewone slijtage, want de rest van de plaat kan er nog prima uitzien terwijl er op één plek al een gat doorheen zit.

Hoe dit speelt op geschaafd hout of planken

Op de klassieke houten ondergrond, geschaafde delen of planken op de gordingen, speelt dit samen met een tweede aandachtspunt: het hout zelf. De schroeven waarmee klemmen of aansluitdetails worden vastgezet, pakken in dat hout, en de uittrekwaarde hangt af van de houtsoort en de dikte van de planken. Vochtig hout dat na verwerking nog krimpt, laat die schroeven na een tijd losser zitten dan ze waren toen ze erin gingen. Dat op zichzelf is al een aandachtspunt bij deze ondergrond, los van welk metaal er op het dak ligt, zoals wij uitleggen bij een klikdak op houten dakbeschot.

De combinatie van beide problemen wordt vervelend op details waar metalen samenkomen boven diezelfde houten ondergrond. Denk aan een koperen doorvoer die door een stalen dakvlak steekt, of een loden inzetstuk bij een schoorsteen die tegen de stalen banen aan ligt. Onder dat detail zit hout dat kan bewegen, en op het raakpunt van de metalen zit een proces dat onafhankelijk daarvan doorwerkt. Een schroef die door krimp losser komt te zitten, kan het contactpunt tussen de metalen net iets laten verschuiven, waardoor het aangevreten oppervlak groter wordt dan wanneer alles star op zijn plek bleef. Dat is een reden om dit soort details bij hout extra aandacht te geven, niet omdat het hout de oorzaak is van de corrosie, maar omdat het de bewegingsvrijheid geeft waarin het probleem zich verder kan ontwikkelen.

Waar dit typisch voorkomt

In de praktijk zien we dit op een beperkt aantal plekken terugkomen. Bij de schoorsteen, waar een loden of zinken inzetstuk om het metselwerk sluit en tegen het dakvlak aan ligt, zoals ook aan de orde komt bij de schoorsteen op houten dakbeschot. Bij een dakdoorvoer waar een koperen of loodmanchet om een leiding sluit die door het dak steekt. Bij de gevelaansluiting, waar soms een bestaand koperen of zinken randprofiel al aanwezig is en het nieuwe dakvlak daar tegenaan komt te liggen. En bij oudere goten die van koper of zink zijn en waar het nieuwe dakvlak op aansluit. Op al die plekken is de vraag niet of het contact schadelijk is, dat is het namelijk bijna altijd als de metalen ongelijk zijn, maar of het contact blijvend is of eenmalig, en of er water op die plek blijft staan of snel wegloopt. Een kort en droog contactpunt hoog op een steil dakvlak is een ander verhaal dan een liggend contact in een kilgoot waar water dagenlang kan blijven staan.

Wat wij hier tegen doen en wat dat niet oplost

De gangbare oplossing is scheiding: een kunststof tussenlaag, een bitumineuze strook, of een detail waarbij de metalen elkaar niet direct raken maar via een niet-geleidend tussenstuk verbonden worden. Dat werkt zolang die scheiding intact blijft. Op hout is dat een extra reden om aansluitdetails zorgvuldig te bevestigen, want een tussenlaag die door beweging van het onderliggende hout scheurt of verschuift, herstelt het directe contact dat je net had willen vermijden. Dit is dus niet een probleem dat je met de klembevestiging van onze banen oplost. Onze klemmen zitten onder de fels en hebben met dit vraagstuk niets te maken, ze zorgen voor blinde bevestiging van het vlak zelf. Waar het om gaat bij twee ongelijke metalen is het detail waar ze samenkomen, en dat detail wordt door de dakdekker of loodgieter apart uitgevoerd, los van hoe de rest van het dakvlak vastzit.

Waar dit wel en niet vervelend wordt

Op een klein detail, een enkele doorvoer, een enkele slabbe, is de schade beperkt tot dat ene punt en meestal pas na jaren merkbaar. Vervelender wordt het bij grotere oppervlakken die elkaar raken, bijvoorbeeld wanneer een bestaand koperen dakvlak wordt uitgebreid met een nieuw stalen vlak en de twee direct tegen elkaar worden gelegd langs een hele lengte. Daar loopt het contactoppervlak over meters door in plaats van over centimeters, en het aangevreten stuk groeit mee met de lengte van dat contact. Dat is een reden om bij renovatie of uitbreiding altijd te kijken welke metalen er al liggen voordat er een nieuw metaal tegenaan gelegd wordt, ook als dat nieuwe metaal op zichzelf een goede keuze is voor de rest van het dak.

Op een houten ondergrond komt daar de vraag bovenop hoe vochtig het hout was bij verwerking en of het nog kan krimpen. Geschaafde delen die net zijn aangebracht en nog een vochtpercentage hebben dat richting de omgevingsvochtigheid moet zakken, bewegen het eerste jaar het meest. Als een gevoelig metaalcontact op zo'n plek zit, is dat het moment waarop scheidingen het meest onder druk staan. Bij droog, goed geconditioneerd hout is dat risico kleiner, en bij hout dat al jaren op zijn plek ligt en zijn vorm heeft gevonden, speelt het nauwelijks nog.

Wat dit betekent voor de aannemer op de bouw

Voor wie een dak met gemengde metalen aanlegt op hout, is de vraag naar het contactpunt geen bijzaak die achteraf wordt opgelost, maar een detail dat bij de voorbereiding al bekend moet zijn. Welke metalen liggen er al, welke komen er nieuw bij, en waar raken ze elkaar. Bij een schoorsteen, een doorvoer of een aansluiting op een bestaande goot is dat meestal in één oogopslag te zien op de tekening, en een scheiding aanbrengen op dat moment is eenvoudiger dan achteraf een lek opsporen dat pas na jaren ontstaat. Wij denken op tekening mee over hoe onze banen bij zulke details aansluiten, zonder kosten voor dat meedenken, maar de keuze voor de scheiding tussen ongelijke metalen ligt bij de dakdekker die het detail uitvoert.

Terug naar het overzicht

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContactPrivacyverklaring Klikzink
Contact
Adres
© Klikzink