Klikzink

De aansluiting op een aanbouw op houten dakbeschot

Een aanbouw tegen een hoger gebouw is voor de bevestiging een ander verhaal dan een vrijstaand dakvlak. Er komt een hoogteovergang bij, een opgaande wand waar het dak tegenaan sluit, en een plek waar het water dat van het hogere gebouw afkomt zich voegt bij het water van het eigen dakvlak. Die drie dingen zitten dicht bij elkaar, en de klemmen die de felsbanen vasthouden moeten daar allemaal rekening mee houden. Wij leggen hier uit hoe dat werkt op een ondergrond van geschaafde delen of planken op de gordingen, want dat is bij aanbouwen nog altijd de gangbare basis onder het beschot.

De klem die onder de fels schuift, wordt met een schroef in het hout gezet. Op een aanbouw ligt die schroef niet los van de rest van de constructie: hij moet een baan vasthouden die aan de bovenkant tegen een wand oploopt en dus nergens de ruimte heeft om zomaar door te lopen tot aan de nok. De baan stopt bij de opstand, wordt daar omgezet in een opstaande rand, en die rand wordt op zijn beurt weer mechanisch bevestigd aan de wandaansluiting. Elke overgang in die keten is een plek waar de klem net iets anders belast wordt dan op het rechte stuk daarvoor.

Waarom de houtsoort en de dikte hier harder meetellen

Op een lang, ononderbroken dakvlak kunt u de klemafstand redelijk gelijkmatig aanhouden. Bij een aanbouw ligt dat genuanceerder, omdat de baan aan de bovenkant wordt afgevangen door de aansluiting op de wand en dus op dat punt een andere trekrichting krijgt dan in het midden van het vlak. De schroef moet die extra trek opvangen zonder dat de gording of de planken daaronder meegeven. Dat maakt de kwaliteit van het hout hier belangrijker dan op een plat doorlopend dakvlak: een dunne plank van 18 millimeter houdt minder vast dan een dikkere, geschaafde delen van goede kwaliteit houden meer vast dan ruwe, goedkope planken, en de uittrekwaarde van de schroef verschilt met de houtsoort. Bij grenen zit u anders dan bij een harde vezelplaat, en dat verschil merkt u niet bij het leggen maar jaren later, als de klem is gaan zitten omdat het hout onder de schroef is ingedrukt.

Een aandachtspunt dat bij een aanbouw vaker voorkomt dan bij een nieuw dakvlak: vochtig hout. Aanbouwen worden nogal eens in een kortere tijdspanne gebouwd dan het hoofdgebouw, en het is niet ongewoon dat het beschot nog vocht bevat op het moment dat de felsbanen erop komen. Hout dat later droogt, krimpt. Krimpt het hout onder een vastgezette klem, dan verandert de klemkracht op de fels, ook al is er in eerste instantie niets fout gedaan. Wij adviseren daarom, waar dat kan, te wachten tot het hout is uitgedroogd tot een vochtpercentage dat bij binnenwerk normaal is, en anders in ieder geval rekening te houden met een nacontrole van de bevestiging na het eerste stookseizoen.

Waar de hoogteovergang de bevestiging stuurt

De plek waar het lagere dak tegen de hogere wand oploopt, is de plek waar de meeste keuzes samenkomen. De felsbaan zelf wordt hier omgezet, zodat het water niet achter de opstaande rand kan lopen. Die opstaande rand wordt bevestigd op een manier die los staat van de klemmen op het vlakke deel: hier komt vaak een strook die aan de wand wordt vastgezet, onder de gevelbekleding of tegen een aanslaglat. De schroeven daarvan zitten dus niet in het dakbeschot maar in een ander deel van de constructie, en dat vraagt om een andere ondergrond dan de gordingen waar de rest van de bevestiging op rust. Is die aanslaglat er niet, of is hij te dun om houvast te geven, dan is dit de plek waar een klikdak bij een aanbouw het eerst gaat mankeren, niet op het vlakke deel zelf.

Dat is ook een verschil met een aansluiting die niet tegen een opgaande wand loopt maar tegen een verticaal vlak van dezelfde herkomst, zoals wij uitleggen bij [de gevelaansluiting op houten dakbeschot](/bevestiging/houten-dakbeschot/gevelaansluiting). Bij een aanbouw speelt er behalve de bevestiging van de opstand ook de vraag hoe het dakvlak zelf, met zijn eigen klemmenpatroon, aansluit op die opstand. Beide moeten kloppen, en ze moeten op elkaar aansluiten zonder dat de een de ander in de weg zit.

Water van het hogere gebouw en wat dat voor de klemafstand betekent

Een aanbouw krijgt vaak meer water te verwerken dan zijn eigen oppervlak zou suggereren, omdat het water van het hogere dakvlak erover afgevoerd wordt, via een goot, een spuwer of gewoon vrij vallend. Dat is in de eerste plaats een kwestie van afvoercapaciteit, en die hoort niet op deze pagina. Voor de bevestiging is relevant dat de banen die dit extra water opvangen, bij een hevige bui tijdelijk een grotere waterlaag op het vlak kunnen hebben staan dan een dakvlak dat alleen zijn eigen neerslag verwerkt. Dat verandert niets aan de klem zelf, die is niet het zwakke punt bij water op het vlak, maar het maakt de aansluiting aan de onderkant, waar dat water het dakvlak weer verlaat, gevoeliger voor een verkeerd geplaatste schroef. Een klem die daar net te dicht bij de rand zit, of een schroef die per ongeluk door de plaat is gezet in plaats van onder de fels, is bij een aanbouw eerder een lek dan bij een dakvlak met minder waterbelasting.

Dat raakt aan wat er bij de dakvoet gebeurt, waar het water het dakvlak verlaat en waar de bevestiging om een andere reden al precies moet zijn, zoals wij beschrijven bij [de dakvoet op houten dakbeschot](/bevestiging/houten-dakbeschot/dakvoet). Bij een aanbouw komt daar de extra hoeveelheid water van het hogere dak nog bij, en dat is een reden om bij het bepalen van de klemafstand op het onderste deel van het vlak niet zomaar de standaardmaat aan te houden die verderop op het dak wel volstaat.

Waar het bij een fout misgaat

De meest voorkomende fout bij een aanbouw is niet de klem op het vlakke deel, maar de aansluiting erboven of ernaast die op een andere ondergrond rust dan de rest van de bevestiging. Een aanslaglat die te dun is uitgevoerd, een schroef die in een voeg tussen twee planken terechtkomt in plaats van in het volle hout, of een opstand die wel wind- en waterdicht is afgewerkt maar niet mechanisch is vastgezet op de wand: dat zijn de plekken waar de bevestiging bij een aanbouw eerder faalt dan op een gewoon dakvlak. De schroeven in het dakbeschot zelf zijn meestal niet het probleem, zolang de planken dik genoeg zijn en droog waren op het moment van leggen.

Wij denken op tekening mee over hoe de klemmen aansluiten op de opstand bij een aanbouw, zonder dat dat u iets kost, en leveren de banen op maat vanaf onze eigen walsmachines in Ede. Voor wie op dezelfde ondergrond een ander detail voorbereidt, staat de bevestiging bij een verticaal vlak beschreven op de pagina over de gevelaansluiting, en de aansluiting aan de onderkant van het dakvlak bij de dakvoet.

Terug naar het overzicht

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContactPrivacyverklaring Klikzink
Contact
Adres
© Klikzink