Klikzink
Twintig jaar is een redelijke termijn om over te oordelen. Een dak wisselt in die tijd duizenden keren van temperatuur, het regent er honderden dagen op, en de wind trekt er in wisselende richtingen aan. Bij een bevestiging die niet door de plaat gaat, verschuift de vraag waar de slijtage zit. Niet in het gat dat een schroef in het materiaal heeft gemaakt, want dat gat is er niet, maar in de klem die de baan vasthoudt, in de schroef die die klem op de ondergrond zet, en in de ondergrond zelf.
De eerste vraag is dus niet wat er met de felsbaan gebeurt, maar wat er met de ondergrond gebeurt waar de klem op rust. Op een bestaand pannendak is dat een keuze die wij niet voor u kunnen omzeilen: er moet iets onder de klem zitten dat twintig jaar lang op zijn plek blijft en de belasting van wind en gewicht aankan. Panlatten zijn daar niet voor gemaakt. Ze liggen op regelmatige afstand, gedimensioneerd op het gewicht van pannen die op de panlat zelf rusten via de haak aan de onderzijde, niet op een vlakke plaat die overal evenveel steun nodig heeft. Wij leggen daarom niet over de pannen heen. De pannen moeten eraf, en onder de klikbanen komt een aansluitend beschot of een volle onderconstructie die de klemmen over het hele vlak steun geeft, niet alleen op de plek waar nu een lat ligt.
Wat dat voor uw planning betekent, leggen we uit op de pagina over een klikdak op bestaande dakpannen. Hier gaat het om de vraag die daarna komt: wat er over twintig jaar van die keuze te zien is.
Een klem onder de fels is een mechanisch verbindingsstuk. Hij wordt op de ondergrond geschroefd en houdt de opstaande rand van de baan vast zodra de naastliggende baan erover geklikt is. De klem zelf verzet in twintig jaar weinig. Metaal onder een felsverbinding beweegt niet merkbaar, en er zit geen rubber of kit in die klem die kan verharden of scheuren, zoals bij een verlijmde of gekitte bevestiging wel het geval is. Wat wel telt, is de coating aan de onderzijde van de baan, precies op de plek waar de klem tegenaan drukt. Daar is de druk het grootst en daar zit, bij een minder goed verzinkte plaat, het eerste plekje waar roest kan beginnen als er ooit vocht bij komt. Bij onze banen is dat de reden dat de Sendzimir-verzinking aan beide zijden zit, ook aan de kant die u nooit ziet. Een dak dat er bovenop goed uitziet maar aan de onderzijde alleen daar verzinkt is waar het zichtbaar moet zijn, is op die ene plek onder de klem het eerst kwetsbaar.
De schroef die de klem vastzet, gaat niet door de zichtbare plaat, maar wel door het beschot of de regel eronder. Die schroef staat na twintig jaar voor dezelfde vraag als elke schroef in hout: houdt het hout hem nog vast. Bij nieuw, droog hout is dat zelden een probleem. Bij een bestaande onderconstructie die twintig jaar geleden al niet meer nieuw was, kan dat anders liggen, vooral als er ergens vocht is binnengedrongen via een detail dat niet goed zat. Dat is precies waarom wij op deze ondergrond zo veel gewicht leggen op de aansluitingen. Een klikdak zelf lekt niet snel, maar een dak waarvan de dakvoet, de goot of een doorvoer niet goed aansluit, kan wel vocht in het beschot laten trekken zonder dat u dat aan de bovenkant ziet. Tegen de tijd dat een schroef in verrot hout gaat draaien, is het probleem dus niet de klik, maar de klimaatscheiding daaronder. Wij besteden om die reden apart aandacht aan onderdelen zoals de aansluiting bij een dakraam en de aansluiting rond een schoorsteen, waar op een bestaand dak nu eenmaal meer kans is dat het al eerder een keer mis is gegaan met de oude pannenafwerking.
Staal zet uit en krimpt met de temperatuur, ongeveer half zoveel als zink over dezelfde lengte. Op een dagcyclus van winter naar zomer is dat een kleine beweging per baan, maar wel een die zich twintig jaar lang blijft herhalen. Het systeem is daar juist voor gemaakt: de fels kan in de klem een beetje bewegen zonder dat de klem zelf verschuift, en zonder dat er ergens een schroef meebeweegt die door de plaat heen gaat en dus na verloop van tijd het gat rond zich zou kunnen vergroten. Dat is het verschil met een bevestiging waarbij de schroef wel door het zichtbare vlak gaat: daar is de herhaalde beweging juist de plek waar op termijn een gaatje speling ontstaat en er water onder de kop kan komen. Bij een klemverbinding zit die beweging in het systeem verwerkt en niet in een doorboring, wat de reden is dat we spreken van een andere zwakke plek dan bij een geschroefde plaat, niet van geen zwakke plek.
Het eerlijke antwoord op een bestaand pannendak is dat de kwaliteit van de nieuwe onderconstructie bepalend is voor wat er over twintig jaar met de bevestiging gebeurt, en dat die onderconstructie hier per definitie nieuw wordt aangebracht omdat de oude panlatten niet geschikt zijn. Dat is meer werk dan bij een dak dat al een aaneengesloten ondergrond heeft, en het is ook de reden dat dit niet de lichtste ingreep is die er bestaat. Wie alleen een paar lekkende pannen wil vervangen, is bij een klikdak aan het verkeerde adres; dit is een keuze voor het hele dakvlak, niet voor een reparatie. Waar het dak z'n scherpe hoeken en kepers heeft, zoals bij een hoekkeper of een kilgoot, telt die aandacht voor de onderconstructie extra, omdat daar het water samenkomt en de belasting op de aansluiting het grootst is.
Wat er wel voor teruggegeven wordt, is dat een goed uitgevoerde onderconstructie onder een klikdak niet meer periodiek nagelopen hoeft te worden op losse of verschoven pannen, iets wat op een ouder pannendak vaak juist wel gebeurt. De klemmen en de schroeven daaronder liggen na het leggen niet meer bloot aan weer en wind zoals een pan dat wel doet, en ze hebben ook geen mos of vorst te verduren dat een pan na verloop van tijd kan optillen. Het is een andere set aandachtspunten, niet minder aandachtspunten, en die verschuiving is precies wat u weten moet voordat u deze overstap op een bestaand dak maakt.