Klikzink

De dakkapel op bestaande dakpannen leggen

Een dakkapel staat als een eigen bouwwerk in een groter dakvlak. Dat betekent dat er niet één aansluiting is die u moet regelen, maar vier: de twee zijkanten, de voorkant onder de kap en de aansluiting boven op het hoofddak. Al die randen komen samen op een oppervlak dat meestal klein is, vaak niet meer dan een paar vierkante meter per vlak. Op zo'n klein en onderbroken vlak ligt de bevestiging anders dan op een doorlopend dakvlak, en dat is precies waar dit stuk over gaat.

Onze banen klikken in elkaar over een klem die onder de fels verdwijnt. Die klem wordt om de paar honderd millimeter op het beschot vastgezet, en de baan die daarna in de vorige klikt, verbergt die bevestiging volledig. Er gaat geen schroef door de plaat. Dat werkt het beste op een vlak dat lang genoeg is om een klemrij goed te verdelen. Bij een dakkapel is dat vlak kort. De zijkanten zijn vaak niet meer dan een meter of twee hoog, de voorkant kan smal zijn, en dat betekent dat elke klem naar verhouding meer werk te doen heeft. We houden daar bij het indelen van de banen rekening mee: liever een baan iets breder of smaller gekozen zodat de klemmen goed verdeeld liggen, dan een baan die precies past maar de klemmen in de verdrukking brengt.

Pannen eraf, niet pannen erop

Op bestaande dakpannen krijgen we vaak de vraag of het niet sneller kan door de nieuwe banen gewoon over de pannen te leggen. Dat doen we niet, en bij een dakkapel is de reden daarvoor het duidelijkst te zien. Onze klemmen moeten vlak en stevig bevestigd worden op een ondergrond die dat aankan: panlatten of, beter nog, een aaneengesloten beschot. Pannen liggen nooit helemaal vlak, ze liggen los in een lattenpatroon, en een klem die op een pan of tussen pannen wordt vastgezet, zit op iets dat kan schuiven, breken of verzakken. Bij een groot dakvlak is dat al een probleem. Bij een dakkapel, waar de aansluitingen elkaar op korte afstand raken, stapelt een onzekere ondergrond zich direct op tot een onzekere aansluiting op vier plekken tegelijk.

Daarom laten we de pannen rond en op de dakkapel verwijderen voordat we beginnen. Wat overblijft zijn de panlatten en, als die er is, de onderconstructie daaronder. Als er alleen panlatten liggen, is dat voor een dakkapel meestal niet genoeg. De klemmen hebben een aaneengesloten en stijf oppervlak nodig om iets te vergrijpen, en losse latten met tussenruimte geven op de vier korte vlakken van een dakkapel te weinig houvast, precies op de plekken waar de aansluitingen het meeste moeten verdragen. In de praktijk betekent dit dat er op een dakkapel bijna altijd een beschot wordt aangebracht op de bestaande panlatten, ook als dat op het aangrenzende hoofddak niet nodig is. Dat beschot geeft de klemmen een doorlopend vlak, en dat vlak is de asymmetrie het gedeeltelijk oplossen: de bevestiging zit vast, ook al is het vlak eromheen klein.

Waar het misgaat bij een gehaaste aansluiting

Bij een dakkapel worden de vier randen vaak gezien als vier keer dezelfde afwerking, maar de bevestiging erachter loopt niet overal gelijk. Aan de voorkant, waar de kap oploopt naar de gevel, moet de laatste klemrij vaak dicht bij de rand staan omdat er weinig plaat overblijft om nog een klem te plaatsen. Wordt die klem daar overgeslagen omdat de rand toch wordt afgewerkt met een lijst, dan hangt dat stukje plaat feitelijk los, en dat voelt u pas als het al jaren op zijn plek zit en bij wind gaat trillen of tikken. Aan de zijkanten, waar de dakkapel het hoofddak raakt, is de klem die het dichtst bij die hoek zit het zwaarst belast, omdat daar de meeste beweging samenkomt: de kap van de dakkapel beweegt anders dan het hoofddak, en die twee bewegingen ontmoeten elkaar precies op die naad.

Een tweede plek waar het fout kan gaan is de overgang van het beschot van de dakkapel naar het beschot of de panlatten van het hoofddak. Als daar een sprong in hoogte of stijfheid zit, zonder dat de klemmen daar geleidelijk op zijn afgestemd, ontstaat een punt waar de plaat een klein knikje krijgt. Dat is in het begin niet te zien. Na een paar jaar van uitzetten en krimpen, bij ons materiaal ongeveer half zoveel als bij zink, wordt dat knikje een vaste vouw, en een vaste vouw op een aansluiting is vaak het eerste teken dat een klem daar niet goed op de ondergrond stond.

Hoeveel vlak, hoeveel klem

Op een groot, doorlopend dakvlak leggen we per dag een flink aantal vierkante meter dicht, omdat de banen lang zijn en de klemrijen zich herhalen zonder onderbreking. Op een dakkapel is dat tempo niet aan de orde. Elk vlak is een eigen stuk werk: de baan wordt op maat gezet, de klemmen worden ingedeeld op een oppervlak dat door een hoek, een dakraam of een schoorsteen in de buurt vaak nog kleiner uitvalt dan gepland, en de vier vlakken van de kapel worden een voor een aangesloten op het hoofddak. Dat is geen kwestie van minder vakmanschap, maar van een andere rekensom: minder meters per klem, dus meer aandacht per meter.

Die aandacht zit ook in de volgorde waarin we werken. We beginnen doorgaans bij de aansluiting die het meest bepalend is voor de rest, meestal de bovenkant waar de dakkapel het hoofddak raakt, en werken van daaruit naar de zijkanten en de voorkant. Zo weten we bij elke volgende baan al hoe de vorige aansluiting is opgelost, in plaats van achteraf te moeten passen tussen vier randen die elk al vastliggen.

Wat dit niet is

Deze pagina gaat niet over hoe de aansluiting er precies uitziet, welke kleur er gekozen is of hoe de kap glanst in het licht. Dat bepaalt u op basis van het uiterlijk van de banen, niet op basis van de bevestiging. Het gaat hier ook niet over dakhelling of isolatie, want een dakkapel kent net als de rest van het dak zijn eigen minimum en zijn eigen opbouw, en die hoort u te beoordelen los van hoe de klem vastzit. Wat op deze pagina wel telt is dat een dakkapel vier aansluitingen op een klein vlak samenbrengt, dat pannen daar niet onder kunnen blijven liggen, en dat een goed beschot onder de panlatten de klemmen geeft wat een klein vlak zelf niet kan bieden: een oppervlak waarop ze niet verschuiven.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContactPrivacyverklaring Klikzink
Contact
Adres
© Klikzink