Klikzink
Een aannemer belt vaak met een concrete situatie: het oude dak ligt er al, de beschieting is er nooit gekomen of is jaren geleden verwijderd, en de vraag is of de nieuwe felsbanen daar zomaar op kunnen. Het antwoord hangt niet af van het merk of het type dakbedekking dat er lag, maar van wat er onder de plaat zit om de klem op vast te zetten. Bij een bestaand dak zonder beschot is dat niet anders dan bij nieuwbouw: er moet iets zijn waar de klem echt in kan bijten.
Onze felsbanen worden blind bevestigd. Onder elke fels zit een klem, en die klem gaat niet door de plaat maar pakt de rand van de baan vast en wordt op zijn beurt vastgezet op de ondergrond. Er gaat geen schroef door het zink zelf. Bij een dicht dakvlak, met een volledige laag beschot of een aaneengesloten plaatmateriaal, kan die klem eigenlijk overal staan waar dat nodig is. Bij een dak met alleen gordingen en verder niets is die vrijheid weg. De klem kan dan alleen daar staan waar een gording ligt. Alles daartussen is lucht, of in het geval van een bestaand dak: de oude dakbedekking die blijft liggen, zonder draagkracht voor een klem.
Dat verandert de vraag die u eigenlijk moet stellen. Niet of het kan, maar hoe ver de gordingen uit elkaar liggen en of dat past bij wat het dak aan windbelasting te verduren krijgt. Bij nieuwbouw wordt die maat vaak nog aangepast aan de felsbanen. Bij een bestaand dak ligt die maat al vast, en de vraag draait om.
Bij nieuwbouw is de situatie schoon: gordingen, en daarboven meteen de klikbanen. Bij een bestaand dak zonder beschot is er meestal geschiedenis. Er ligt al iets, bijvoorbeeld golfplaten, oude dakleer op tengels, of een verouderde plaatbekleding die zelf ooit op de gordingen is bevestigd. De eerste vraag is dan niet de klemafstand, maar of die oude laag blijft liggen of eraf moet.
Als de oude bekleding blijft liggen, moet die de doorvoer van de klem naar de gording niet in de weg zitten. Een klem moet vlak en stevig op de gording kunnen worden bevestigd, met de nieuwe felsbaan daarboven op de juiste hoogte. Een oude, ongelijke of verweekte laag ertussen geeft geen stabiel punt om op te klemmen, ook al lijkt het van boven een normaal dakvlak. In de praktijk kiezen aannemers hier vaak voor het verwijderen van de oude laag tot op de gordingen, juist om zeker te zijn van een schoon aanslagvlak. Dat is meer werk dan alleen nieuwe felsbanen erop leggen, maar het is het werk dat nodig is om de klem goed te laten functioneren.
De tweede vraag is de staat van de gordingen zelf. Bij nieuwbouw is het hout vers en de maatvoering bekend. Bij een bestaand dak kan hout jarenlang blootgesteld zijn geweest aan vocht via lekkages in de oude bedekking, juist op de plekken waar dat vaak eerst mis ging: bij de nok, bij de dakvoet, of bij een doorvoer. Een gording die van onderaf gezond oogt, kan aan de bovenzijde, waar de klem moet komen, zachter zijn dan verwacht. Dat is geen reden om het project af te blazen, maar wel iets om vooraf te controleren, plek voor plek, en niet aan te nemen op basis van het uiterlijk vanaf de vloer.
Op een dicht dakvlak kan een klem staan waar de constructeur of de leverancier hem wil hebben. Bij alleen gordingen is die keuze er niet. De klemmen komen op de gordingen te staan, punt. Dat betekent dat de afstand tussen de gordingen rechtstreeks bepaalt hoeveel klemmen er per vierkante meter zitten, en dus hoeveel wind het dak kan verdragen voordat de banen los gaan werken.
Bij een nieuw dak stemt men de gordingmaat vaak af op wat er nodig is. Bij een bestaand dak ligt die maat al vast vanuit de oorspronkelijke bouw, meestal afgestemd op de oude dakbedekking en niet op een klikdak. Een dak dat ooit is opgezet voor bijvoorbeeld golfplaten kan gordingen hebben die verder uit elkaar staan dan wenselijk is voor de nieuwe felsbanen. In dat geval is de bestaande gordingafstand het eerste dat opgemeten en getoetst moet worden, voordat er over kleur, profiel of plaatlengte wordt gesproken.
Is de afstand te groot, dan zijn er twee routes. De eerste is het aanbrengen van extra regels dwars over de bestaande gordingen, zodat er een nieuw, dichter bevestigingspatroon ontstaat. Dat is technisch meestal goed te doen, maar het is een aanpassing aan de constructie die vooraf besproken moet worden met wie de sterkteberekening doet, niet iets dat de dakdekker er stilzwijgend bij regelt. De tweede route is het aanbrengen van een volledig beschot boven de bestaande gordingen. Daarmee vervalt de beperking van de gordingafstand helemaal, maar dan is de situatie feitelijk niet meer gordingen zonder beschot, en verschuift het naar het geval dat wij beschrijven op de pagina over een klikdak op gordingen zonder beschot in het algemeen, waar we de bevestiging op een dicht dakvlak toelichten.
Het eerlijke antwoord is dat een bestaand dak zonder beschot doorgaans een lastiger uitgangspunt is dan een nieuw dak met dezelfde opbouw. Niet omdat de klemtechniek anders werkt, die is identiek, maar omdat drie dingen die bij nieuwbouw in uw eigen hand liggen, bij een bestaand dak al vastliggen: de gordingafstand, de kwaliteit van het hout, en de aanwezigheid van een oude laag die eerst weg moet of juist blijft zitten en dan in de weg zit.
Dat maakt het project niet onmogelijk. Het maakt het wel iets waar u vooraf naar laat kijken, met een duimstok en niet met een oogopslag vanaf de grond. Een dakvlak dat vanaf de nok tot de dakvoet meet, blijkt bij het opmeten soms een grotere gordingmaat te hebben in het middenstuk dan aan de randen, simpelweg omdat de oorspronkelijke aannemer daar ooit voor gekozen heeft. Dat soort onregelmatigheid zit u niet dwars bij een dicht dakvlak, maar wel bij een dak dat alleen op gordingen steunt.
Wij denken hierin mee op tekening, zonder daar kosten voor te rekenen. Dat betekent concreet dat wij, als u de bestaande gordingmaten en de dakhelling aanlevert, kunnen aangeven of de bevestiging binnen wat wij weten over onze klemmen en banen haalbaar is, of dat er eerst iets aan de ondergrond moet gebeuren voordat de felsbanen erop kunnen. Dat is nuttiger dan achteraf ontdekken dat de klemafstand niet klopt, wanneer de oude bedekking er al af is en het dak open ligt.