Klikzink

De schoorsteen op een flauwe helling

Een schoorsteen midden in een dakvlak is altijd een onderbreking. Het water dat op het vlak valt, moet er omheen, en aan de bovenkant van de schoorsteen staat het water tegen een vlak muurtje aan. Op een steil dak is dat te overzien: het water heeft snelheid en richting, en is de schoorsteen voorbij voordat het kans krijgt om ergens te blijven staan. Op een flauwe helling werkt dat anders. Het water beweegt trager over het vlak, zoekt de weg van de minste weerstand, en blijft nu juist wél een tijdje staan tegen de kant waar de schoorsteen het tegenhoudt.

Dat is het verschil dat deze pagina behandelt: niet de schoorsteen zelf, maar wat een flauwe helling met de opstand rond die schoorsteen doet, en wat dat vraagt van de bevestiging van de banen die er langs lopen.

Water dat blijft staan

Op een vlak met voldoende helling loopt het water door. Op een flauw vlak, richting de onderkant van wat nog als hellend dak geldt, staat het water langer tegen elk obstakel aan dat in de weg zit. Een schoorsteen is zo'n obstakel, en de bovenzijde ervan, waar het water tegenaan loopt voordat het zijwaarts wordt gestuurd, krijgt op een flauwe helling met een hogere waterdruk te maken dan op een steil dak. Niet omdat er meer water valt, maar omdat het water er langer blijft en dus meer kans krijgt om ergens naar binnen te zoeken waar het niet moet.

Dat verandert de opgave bij de bovenkant van de schoorsteen. Op een steil dak volstaat een fels die het water met een nette overslag naar links en rechts stuurt, en die overslag hoeft niet extreem hoog te zijn omdat het water er toch al snel voorbij is. Op een flauwe helling moet die overslag hoger, en de fels bovenlangs de schoorsteen moet het water met meer marge uiteen kunnen sturen dan bij een gelijk detail op een steiler vlak. Dat is een kwestie van meer opstaande hoogte in de fels zelf, en van een detail dat een grotere waterkolom kan opvangen zonder dat het over de rand van de fels heen loopt.

Meer keren, minder marge

Bij een schoorsteen op een steil dak volgen de banen en de inkortingen rond het obstakel een simpel patroon: de bovenzijde krijgt een kraal die het water splitst, de zijkanten lopen door, en de onderzijde vangt het samengevoegde water weer op. Op een flauwe helling moet vrijwel elk detail rond de schoorsteen een slag directer worden opgelost, met meer keren in de plaat en minder ruimte om een baan gewoon door te laten lopen.

Dat komt omdat de waterstroom op een flauw vlak minder eenduidig is. Het water zoekt niet één duidelijke weg naar de dakrand, maar verspreidt zich meer over het vlak, en bij de schoorsteen betekent dat vaker een extra opkant, een extra overslag, of een fels die net iets hoger doorloopt dan strikt nodig zou zijn op een steiler dak. Onze banen zijn op maat te leveren, tot op de millimeter afgekort, en dat is precies waar dat bij helpt: bij een flauw vlak is het detail rond de schoorsteen vaak net een slag specifieker dan de standaardmaat, en dan is het prettig als de baan zelf al op die maat gewalst is in plaats van dat er op het dak nog van alles bijgesneden moet worden.

Wat er verandert aan de bevestiging

De klem onder de fels doet op een flauw vlak precies wat hij op een steil vlak doet: hij houdt de plaat vast zonder dat er een schroef doorheen gaat, en hij laat de plaat toe om uit te zetten en te krimpen zonder dat er scheuren of lekken ontstaan. Dat principe verandert niet met de hellingshoek. Wat wel verandert, is waar de klemmen extra aandacht nodig hebben.

Rond een schoorsteen op een flauw dak staat het water langer, en dat betekent dat de aansluiting tussen de opstand van de schoorsteen en het vlak van het dak langer belast wordt met stilstaand of langzaam bewegend water. De klemmen die het dichtst bij die opstand zitten, moeten de plaat daar strak en vlak houden, zonder een bolling of een deuk waarin water blijft liggen. Een klem die net iets te ver van de rand staat, laat de plaat daar iets meer bewegen dan gewenst, en op een steil dak valt dat niet op omdat het water toch snel wegloopt. Op een flauw dak wordt zo'n kleine oneffenheid een plek waar water een paar uur langer blijft staan dan elders op het vlak.

De volgorde waarin de banen rond de schoorsteen gelegd worden, verandert ook. Bij een steil dak kan de dakdekker de banen langs de schoorsteen in een vast ritme leggen en de aansluitingen aan het einde afwerken. Bij een flauw vlak is het verstandiger om de aansluiting bovenlangs de schoorsteen eerst goed vast te leggen, en van daaruit naar de zijkanten te werken, omdat precies dat bovenste stuk de plek is waar de waterdruk het hoogst is. Wie dat omdraait en de zijkanten eerst afwerkt, loopt het risico dat de laatste klemmen bovenlangs net iets minder precies vallen, op de plek waar dat het minst kan.

Wat er misgaat als het flauwe vlak genegeerd wordt

De fout die hier het snelst gemaakt wordt, is een schoorsteendetail overnemen dat op een steiler dak prima werkte, zonder de opstaande hoogte van de fels en de overslag aan te passen. Op papier ziet dat er hetzelfde uit: dezelfde schoorsteen, dezelfde platen, dezelfde klemmen. Op het dak zelf is het verschil dat de fels bovenlangs de schoorsteen bij regen een waterkolom moet opvangen die op een flauw vlak hoger komt te staan dan waar de fels op berekend is. Het water loopt dan niet over de rand van het dak, maar over de rand van de fels, naar binnen.

Een tweede fout is de aanname dat de blinde bevestiging overal evenveel werk doet. Dat klopt voor het grootste deel van het vlak, waar de klem alleen de plaat op zijn plaats moet houden bij uitzetting en krimp. Rond de schoorsteen, op een flauw dak, moet de bevestiging ook helpen om de plaat vlak te houden onder een langer aanhoudende waterlast. Wie daar met dezelfde klemafstand werkt als op het rustige deel van het vlak, bespaart een paar klemmen op een plek waar dat niet loont.

En een derde: het idee dat een flauwe helling vraagt om meer kit of meer overlap in plaats van om een beter doordacht felsdetail. Kit en overlap zijn oplossingen die de tijd tegen zich hebben; een fels die hoog genoeg is en een klem die op de juiste plek zit, hebben dat niet. Het verschil tussen een schoorsteen op een steil dak en een schoorsteen op een flauw dak zit niet in extra materiaal, maar in een detail dat rekening houdt met water dat langer op zijn plaats blijft dan u misschien gewend bent.

Wij denken op tekening mee over dit soort details, kosteloos, en leveren de banen op de maat die het detail vraagt in plaats van op een standaardmaat die achteraf bijgesneden moet worden.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContactPrivacyverklaring Klikzink
Contact
Adres
© Klikzink