Klikzink
Het boeiboord is het verticale plaatje langs de rand van het dak, onder de dakvoet of naast de gevel. Op een golfplatendak is dit vaak het onderdeel dat het meest te lijden heeft, omdat het twee bewegingen tegelijk moet opvangen: die van het dakvlak boven en die van de eigen ondergrond eronder. Op een schuur of stal, waar veel van deze daken op liggen, is die ondergrond meestal een regelwerk dat niet helemaal vlak is en dat op zijn eigen tempo werkt bij temperatuurwisselingen. Onze felsbaan volgt die beweging niet mee, ze klikt in een klem die los van de plaat zelf op het regelwerk is bevestigd. Dat is het verschil met een schroefverbinding: bij een boeiboord dat met schroeven direct op de regel is gezet, wordt elke zet van het hout of elke krimp van de golfplaat direct doorgegeven aan de bevestiging. Bij ons zit die beweging in de klem, niet in het gat.
De golfplaat zelf speelt hier een rol die anders is dan bij een vlak dak. Golfplaten dragen niet gelijkmatig: de bovenkant van de golf draagt, het dal niet. Daarom komt er praktisch altijd een regelwerk overheen voordat het boeiboord en de rest van de bekleding erop kunnen. Dat regelwerk moet in het verticale vlak strak en recht zijn, want een boeiboord dat een centimeter uit het lood staat, valt meteen op. Wij klikken onze banen op klemmen die op dat regelwerk zijn geschroefd, niet op de golfplaat zelf. Dat betekent dat de kwaliteit van het regelwerk bepalend is voor hoe het boeiboord er ligt en blijft liggen, niet de golfplaat erachter.
De naad tussen het dakvlak en het boeiboord is de plek waar het meeste misgaat, en dat is niet toevallig. Het dakvlak zet uit in de lengte, het boeiboord staat verticaal en beweegt in zijn eigen richting. Als die twee vlakken met dezelfde vaste klem aan elkaar zijn gekoppeld, ontstaat er spanning op de plek waar ze samenkomen. Wij houden die aansluiting los van elkaar: de klemmen op het dakvlak lopen door tot aan de rand, en het boeiboord heeft zijn eigen bevestiging op het regelwerk daaronder, met een overlap die de beweging opvangt zonder dat de plaat ergens vastgeklemd zit tussen twee bewegende delen. Een boeiboord dat wij op maat leveren, wordt dan ook niet als één doorlopende plaat vanaf de nok tot de goot gezien, maar als een eigen onderdeel met een eigen klemlijn.
Een fout die we regelmatig zien bij oudere schuren is dat het boeiboord destijds direct op de regel is gespijkerd of geschroefd, zonder rekening te houden met de beweging van het dakvlak erboven. Na een paar jaar staat de naad open, water trekt achter de plaat en het regelwerk begint te rotten voordat iemand het ziet, want het zit verstopt achter de golfplaat en het boeiboord. Bij een blinde bevestiging met klemmen speelt dat probleem niet op dezelfde manier, omdat er geen doorboring is die als instroompunt kan werken. Maar de aansluiting tussen boeiboord en dakvlak blijft een detail dat om aandacht vraagt, ook zonder schroefgaten. Wij werken die aansluiting daarom net zo uit als wij dat doen bij [de dakrand op een golfplatendak](/bevestiging/golfplatendak/dakrand), waar dezelfde combinatie van twee bewegende vlakken langs een rand voorkomt.
Op veel schuren en stallen uit de jaren zestig tot tachtig ligt onder het huidige golfplatendak nog een oude asbesthoudende golfplaat, of is de golfplaat zelf van asbestcement. Dat verandert niets aan hoe wij het boeiboord bevestigen, maar het verandert wel de volgorde van werken en wie welk deel van het werk mag doen. Het regelwerk waarop het boeiboord straks rust, mag niet zomaar door de oude plaat heen worden bevestigd zonder dat eerst is vastgesteld wat er onder zit. Bij sanering wordt de oude plaat verwijderd volgens de regels die daarvoor gelden, en pas daarna komt het nieuwe regelwerk, de klemmen en het boeiboord. Wij leveren de felsbaan en de klemmen op maat voor die situatie, maar het verwijderen van de oude plaat is een apart traject dat los van de bevestiging van het boeiboord staat en door een gecertificeerd bedrijf gebeurt.
In de praktijk betekent dit dat het boeiboord op een gesaneerde stal vaak op een compleet nieuw regelwerk komt, wat de bevestiging eenvoudiger maakt dan bij een bestaande, ongelijke ondergrond. Waar de oude regels nog worden hergebruikt, is het uitlijnen van de klemmen voor het boeiboord meer precisiewerk, omdat een regel die dertig jaar heeft gestaan zelden nog helemaal recht is. Wij vragen in dat geval altijd om een opname van het regelwerk voordat wij de baan op maat afkorten, zodat de klemafstand aansluit op wat er werkelijk hangt en niet op wat er ooit is getekend.
Het boeiboord staat, in tegenstelling tot het dakvlak, meestal in het zicht op ooghoogte. Een golfplatendak op een schuur wordt van boven zelden bekeken, maar het boeiboord ziet iedereen die het erf oprijdt. Dat is geen kwestie van uiterlijk in de zin van kleur of glans, dat behandelen we niet hier, maar het betekent wel dat een verkeerd geplaatste klem of een ongelijke overlap sneller wordt opgemerkt dan een zelfde fout hoog op het dakvlak. Onze klemmen zitten daarom op een regelmatige afstand die niet alleen de wind- en trekkrachten opvangt, maar ook zorgt dat de baan recht blijft hangen zonder dat hij ergens bol gaat staan door temperatuurverschil.
De plaat zet, zoals overal waar wij hem toepassen, ongeveer half zoveel uit als een zinken plaat zou doen. Bij een boeiboord van een paar meter lang is dat verschil met het blote oog niet te zien, maar de klem moet die beweging wel kunnen opvangen zonder dat de fels gaat knarsen of de plaat gaat golven. Bij een boeiboord dat aan twee zijden wordt vastgezet, aan de bovenkant tegen het dakvlak en aan de onderkant tegen de gevel, ontstaat het risico dat de plaat nergens kan bewegen. Wij laten daarom altijd één zijde vrij in de klem, meestal de onderkant, zodat de uitzetting daar wordt opgevangen in plaats van dat de spanning zich opbouwt richting de fels.
Waar dit boeiboord grenst aan een gevel in plaats van aan een vrije rand, loopt de bevestiging weer anders, met een eigen aansluiting die we behandelen bij [de gevelaansluiting op een golfplatendak](/bevestiging/golfplatendak/gevelaansluiting). Voor een stal of schuur met een vrijstaande rand blijft het boeiboord echter een op zichzelf staand onderdeel: eigen regelwerk, eigen klemlijn, en een naad naar het dakvlak die ruimte krijgt om te bewegen zonder dat er water achter kan trekken. Wij leveren de baan op de millimeter afgekort op basis van de maten die u ons doorgeeft, en denken op tekening mee over waar de klemmen precies moeten komen, zonder dat dit iets kost.