Klikzink

Een lange baan felsdak op sandwichpaneel

Een felsbaan van tien meter beweegt. Staal zet uit bij warmte en krimpt bij kou, en over de lengte van de baan telt dat op. Onze banen zetten ongeveer half zoveel uit als zink, maar bij een lange baan op een warm dak in de zon is die beweging nog altijd genoeg om rekening mee te houden. Daarom werken we bij lengtes boven een bepaalde grens niet met alleen vaste klemmen, maar met een combinatie van een vast punt en schuifklemmen die de baan laten bewegen zonder dat de fels loskomt of gaat golven.

De vaste klem zit meestar op een vast punt in de baan, vaak in het midden of aan het hoogste punt, afhankelijk van de situatie op het dak. Vanaf dat punt kan de plaat naar beide kanten uitzetten en krimpen. De klemmen verderop in de baan zijn schuifklemmen: de klem zelf ligt vast op de ondergrond, maar de fels kan er in de lengterichting overheen bewegen. Zo blijft de baan op zijn plaats liggen en kan hij toch ademen. Wordt dit niet toegepast en zit alles vast, dan gaat de spanning ergens anders naartoe: de plaat gaat bol staan, de fels komt onder druk of de klem wordt na een paar jaar uit de ondergrond getrokken.

Wat sandwichpaneel anders maakt dan een houten of stalen dakbeschot is de opbouw. Een sandwichpaneel heeft twee staalhuiden met daartussen een kern van isolatiemateriaal, meestal PIR of PUR. De klem moet door die bovenhuid heen en vastgezet worden in iets dat draagkracht heeft. Bij een houten ondergrond schroef je in massief hout en heb je in de dikte van dat hout ruimte om te variëren. Bij sandwichpaneel schroef je door een dunne stalen plaat, door de isolatie, en idealiter pak je de onderhuid mee of je zit in een drager die daarvoor bedoeld is. De schroeflengte is dus niet los te zien van de paneeldikte: een dikker paneel vraagt een langere schroef, en een schroef die te kort is pakt de onderhuid niet en steunt eigenlijk alleen op de isolatie. Dat voelt bij het leggen soms nog aan als vast, maar isolatiemateriaal heeft geen trekvastheid. Onder wind of onder de spanning van een lange baan die uitzet, geeft dat mee.

Een tweede risico dat specifiek is voor sandwichpaneel is het indrukken van de kern. Draai je de schroef te ver aan, dan buigt de bovenhuid iets naar binnen en drukt de isolatie plaatselijk in. Dat lijkt onschuldig, maar het geeft een kuiltje onder de klem waar water zich kan verzamelen als er ooit condens ontstaat, en het maakt de bevestiging plaatselijk minder stijf. Bij een enkele klem valt dat te overzien; bij een lange baan met tientallen klemmen op een rij is een paar te strak aangedraaide schroeven genoeg om ergens een zwakke plek te krijgen die je van boven niet ziet. Daarom werken we met een aandraaimoment dat past bij de dikte van de plaat, niet met zo vast mogelijk.

De volgorde waarin de klemmen gezet worden is bij een lange baan op sandwichpaneel net zo belangrijk als de klem zelf. Je begint bij het vaste punt en werkt van daaruit naar beide einden toe. Zet je eerst de uiteinden vast en pas daarna het midden, dan heeft de baan tijdens het leggen al ergens tegenaan gedrukt en zit er spanning in voordat de eerste warme of koude dag is geweest. Op een houten ondergrond merk je dat soms niet meteen, omdat het hout iets meegeeft. Op sandwichpaneel merk je het wel: de bovenhuid is stijf, de klem verschuift niet zomaar mee, en een verkeerde volgorde zie je later terug als een lichte welving in de baan of als een klem die net niet meer op zijn rail zit.

De blinde bevestiging zelf, de klem onder de fels waar geen schroef doorheen de zichtbare plaat gaat, werkt op sandwichpaneel in principe hetzelfde als op elke andere ondergrond: de schroef gaat door de klemvoet, niet door de felsbaan. Het verschil zit in wat er onder die klemvoet zit. Op een aaneengesloten houten beschot kan de klem vrijwel overal staan. Op sandwichpaneel is het raadzaam om te weten waar de langsnaden van de panelen liggen en waar eventuele hoedprofielen of gordingen onder het paneel doorlopen, zodat de schroeven van de vaste klem, waar de meeste kracht op komt, in een punt zitten met voldoende draagkracht. Voor de schuifklemmen is dat iets minder kritisch omdat zij minder trekkracht opvangen, maar ook daar geldt: een schroef die alleen in de kern zit, houdt het dak dicht totdat er een storm komt die hem eruit trekt.

Bij een fout in deze bevestiging zie je op sandwichpaneel andere schadebeelden dan bij een dak dat met doorlopende schroeven op elke plaat is gezet. Een traditioneel geschroefd dak lekt meestal lokaal, bij de schroef die is losgekomen of waar de rubberring van de schroef is verhard. Een klikdak zonder doorboringen door de zichtbare plaat heeft die zwakke plek niet, maar krijgt zijn eigen aandachtspunt bij de klem zelf: als een schuifklem vastloopt in plaats van meebeweegt, of als een vast punt niet centraal genoeg zit voor de lengte van de baan, dan verplaatst de spanning zich naar de fels. De fels kan dan op termijn iets opentrekken of de baan gaat golven op het vlak. Dat is meestal eerst een esthetisch probleem, maar het is ook een signaal dat de bevestiging niet doet wat hij moet doen, en op de lange duur is dat wel de plek waar het misgaat.

Op de bouwplaats betekent dit voor een lange baan op sandwichpaneel dat de voorbereiding meer tijd vraagt dan het leggen zelf. Voordat de eerste baan gelegd wordt, is bekend waar het vaste punt komt, welke schroeflengte bij de paneeldikte past en welk aandraaimoment daarbij hoort. Tijdens het leggen is dat vooral een kwestie van die volgorde aanhouden en de klemmen niet harder aandraaien dan nodig. Dat maakt het leggen van een lange baan op sandwichpaneel geen ander vak dan op een andere ondergrond, maar wel een ander detail: de aandacht zit niet in het felsen zelf, die blijft hetzelfde, maar in wat er onder de klem gebeurt voordat de fels ooit dicht gaat.

Waar dit wringt, is bij zeer lange baanlengtes op een dun paneel. Hoe dunner de bovenhuid, hoe minder marge er is tussen een schroef die te los zit en een schroef die de plaat vervormt, en hoe langer de baan, hoe groter de uitzetting die de klemmen moeten opvangen. In die combinatie kan het verstandiger zijn om de baan ergens in de lengte te onderbreken met een dwarsnaad in plaats van vast te houden aan één doorlopende lengte. Wij denken daarin mee op tekening, kosteloos, en leveren de banen op maat af zodat de lengte op de bouwplaats past bij wat de ondergrond aankan.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContactPrivacyverklaring Klikzink
Contact
Adres
© Klikzink