Klikzink

De goot op een steil dak: fels en bevestiging

Op een flauw dak ligt een felsbaan grotendeels op het dakvlak te rusten. De helling is klein, de zwaartekracht werkt vooral loodrecht op het dak, en de bevestiging aan de onderkant heeft daar weinig van te verduren. Op een steil dak is dat anders. Boven een helling van, zeg, veertig of vijftig graden komt een groot deel van het gewicht van de baan te staan op de klemmen onderaan. De plaat wil naar beneden glijden, en alleen de klem bij de goot houdt hem daar. Dat is een andere belasting dan waar een baan op een flauw dak mee te maken heeft, en het is precies waarom dit detail apart aandacht verdient.

Het gaat hier niet om een andere klem of een ander product. De klikverbinding onder de fels van onze banen werkt op een steil dak hetzelfde als op een flauw dak. Wat verandert, is de rol die de onderste klem speelt en hoeveel er op die ene aansluiting samenkomt: het gewicht van de baan, de uitzetting door temperatuur, en de eis dat er water in de goot komt en niet ernaast of erachter.

Waarom het gewicht aan de bevestiging hangt

Bij een steil dak is de component van de zwaartekracht die langs het dakvlak naar beneden trekt groot ten opzichte van de component die de plaat tegen het dak drukt. Bij vijftig graden helling is die verhouding al flink verschoven ten opzichte van een dak van tien graden. De baan ligt dus minder op het dak te rusten dan dat hij aan het dak hangt, met de goot als laagste punt waar alle gewicht samenkomt. Dat is een wezenlijk andere situatie dan bij een flauwe helling, zoals wij uitleggen bij [de goot op een flauwe helling](/bevestiging/goot/flauwe-helling), waar het gewicht veel gelijkmatiger over het vlak wordt gedragen.

De klem onder de fels is ontworpen om die trekkracht op te vangen zonder dat de plaat kan verschuiven. Dat betekent dat de klem bij de goot niet zomaar de laatste in de rij is, maar het punt waar de opgetelde last van de hele baan landt. Bij een lange baan op een steil dak is dat geen verwaarloosbare kracht. Wordt die klem verkeerd gepositioneerd, te ver uit elkaar geplaatst, of van een verkeerd type, dan is het niet de fels zelf die het eerst gaat mankeren, maar de aansluiting onderaan.

Wat er misgaat als u het aanpakt als een flauw dak

De meest gemaakt fout is de klemafstand baseren op ervaring met flauwe daken. Op een helling van tien graden kan een ruimere klemafstand nog goed werken, omdat de baan vooral op het dak drukt en weinig neiging heeft om te verschuiven. Op een steil dak leidt dezelfde afstand tot een te grote belasting per klem onderaan. De plaat kan dan millimeters gaan zakken, wat op zich klein lijkt, maar bij een felsverbinding wel degelijk merkbaar is: de fels komt onder een andere hoek te staan, de aansluiting op de gootbekleding gaat schuiven, en op termijn kan de plaat los gaan trekken bij precies de klem die het meest te verduren had.

Een tweede fout is de overstek bij de goot te kort houden, of juist te lang, zonder rekening te houden met de combinatie van hellingshoek en uitzetting. Onze stalen banen zetten ongeveer half zoveel uit als zink, wat op een steil dak weliswaar minder beweging geeft dan bij zink, maar niet nul is. Bij een normale plaatlengte loopt die uitzetting op tot een paar millimeter, en die beweging moet ergens heen kunnen zonder dat de baan in de goot gaat drukken of, omgekeerd, los van de goot komt te hangen. Op een steil dak, waar de baan al aan de bevestiging trekt, komt die uitzettingsbeweging boven op de trekkracht. Is de overstek te kort, dan kan de plaat bij warmte in de gootrand gaan duwen. Is hij te lang zonder de klem daarop af te stemmen, dan hangt er extra hefboomwerking aan het laagste punt.

De derde fout is denken dat de klem zelf hetzelfde blijft werken, ongeacht de hoek waarin hij de last opvangt. Een klem die op een vlak dak alleen de plaat op zijn plek moet houden, moet op een steil dak ook een aanzienlijke trekkracht langs het dakvlak weerstaan. Dat is geen andere klem nodig, maar het is wel een andere reden om de klemafstand en de bevestiging aan de onderconstructie serieus te nemen. Een klem die te licht bevestigd is aan de gordel of het dakbeschot, geeft bij een steil dak eerder mee dan bij een flauw dak, simpelweg omdat er meer kracht op staat.

Wat de overstek bij de goot in de praktijk vraagt

De overstek van de baan boven de goot moet zo zijn dat water bij elke temperatuur en bij elke stand van de uitzetting in de goot terechtkomt, niet ernaast. Op een steil dak komt daar een extra factor bij: de plaat mag onder zijn eigen gewicht niet naar beneden kunnen kruipen, want dan verandert de overstek zelf mee. Waar op een flauw dak een kleine verschuiving van de plaat nauwelijks gevolgen heeft voor de positie boven de goot, verandert diezelfde verschuiving op een steil dak de overstek direct en zichtbaar.

Dit is een van de redenen waarom wij bij steile daken vaker adviseren om de onderste klemmen dichter op elkaar te zetten dan verderop op het dakvlak. Niet omdat de klem daar anders is, maar omdat de belasting daar groter is. Hetzelfde principe geldt trouwens voor een dak met veel doorvoeren, waarbij de bevestiging rond elke doorvoer opnieuw moet worden afgestemd op de lokale belasting; wij gaan daar dieper op in bij [de goot bij veel dakdoorvoeren](/bevestiging/goot/veel-doorvoeren). Bij een steil dak is het niet een doorvoer die de aandacht vraagt, maar de goot zelf, als eindpunt van elke baan op het hele vlak.

Waar dit wel en niet de kern van de zaak raakt

De blinde bevestiging van onze banen verandert niets aan de noodzaak om bij een steil dak goed na te denken over de goot. Het voordeel van geen doorboringen in de plaat blijft bestaan: er is geen schroefgat dat bij de trekkracht van een steil dak kan gaan werken of uitscheuren. Maar de klem onder de fels moet wel op de juiste plek zitten en op de juiste onderconstructie zijn bevestigd, en dat is precies het punt waar de aansluiting op de goot bij een steil dak vraagt om een andere afweging dan bij een dak met een gangbare helling.

Wie een steil dak beoordeelt als een flauw dak met een andere hoek, mist dus niet een detail in de uitvoering, maar een verschil in de fysica van de belasting. De klem bij de goot draagt op een steil dak een groter deel van het gewicht van de baan dan waar dan ook op het dakvlak, en de overstek moet die situatie volgen in plaats van hem te negeren. Wij denken hierover mee op tekening, zonder kosten, en kunnen de klemafstand en de uitvoering van de gootaansluiting afstemmen op de hellingshoek van uw project.

Terug naar het overzicht

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContactPrivacyverklaring Klikzink
Contact
Adres
© Klikzink