Klikzink

Overgang naar plat dak bij gefaseerde oplevering

Een gefaseerde oplevering betekent dat het dak niet in één keer dicht gaat. Het ene bouwdeel is klaar en wordt opgeleverd terwijl het andere nog in de steiger staat. Bij een hellend vlak dat overgaat in een plat dak is dat een ander verhaal dan bij een doorlopend hellend dakvlak, want precies op de plek waar twee systemen elkaar raken, moet er ook een knip in de planning liggen. En die twee dingen bijten elkaar als je er niet vooraf over nadenkt.

De overgang zelf is functioneel simpel: het water van het hellende vlak moet aankomen op het platte deel zonder dat het onder de bekleding van dat platte deel kan komen. Bij een klikdak lossen we dat op met een aansluitprofiel dat los van de dakbedekking op het platte deel bevestigd wordt, terwijl de felsbanen op het hellende deel er met een eigen klem overheen of erin sluiten. Hoe die twee onderdelen precies samenkomen, hebben we uitgewerkt in het detail over de overgang naar een plat dak bij een klikdak. Wat in die uitleg nog niet aan de orde komt, is wat er gebeurt als die twee delen niet in dezelfde week, maar in twee verschillende fasen van de bouw worden gelegd.

Waarom een knip in het werk hier extra gevoelig ligt

Bij een doorlopend hellend vlak kunt u de volgorde van leggen vrij kiezen, want elke baan is qua bevestiging gelijk aan de vorige. Bij een overgang naar plat ligt dat anders. Het aansluitprofiel op het platte deel moet er liggen voordat de onderste felsbanen op het hellende deel worden afgewerkt, simpelweg omdat de felsbaan met zijn onderrand op of tegen dat profiel aansluit. Wordt de volgorde omgedraaid, dan moet het aansluitprofiel achteraf onder een al gelegde baan worden geschoven, en dat gaat met een blind bevestigd systeem niet zonder de laatste banen weer los te klikken.

Stel dat de aannemer besluit het platte dak in fase één op te leveren, compleet met dakbedekking en een tijdelijk afgewerkte rand, omdat de opdrachtgever die ruimte al in gebruik wil nemen. Het hellende dak erboven volgt in fase twee, een aantal weken of maanden later. Op het moment dat de dakdekker met de felsbanen aan de onderkant van het hellende vlak begint, moet hij nu terug naar een rand die al is afgewerkt en afgedicht. Als daar bij de eerste fase geen rekening mee is gehouden, met bijvoorbeeld een tijdelijke overlap of een inwerkstrook die nog los ligt, dan moet die afwerking deels open om het aansluitprofiel goed te kunnen plaatsen. Dat is geen ramp, maar het is wel extra werk dat had kunnen worden voorkomen door in fase één al te weten dat er een fase twee komt.

Wat er verandert aan de bevestiging zelf

De klem waarmee onze felsbanen vastzitten, werkt met een doorlopende lijn van klemmen onder de fels. Op een normaal vlak is dat een gesloten systeem: elke baan grijpt de volgende, en de rand wordt pas afgewerkt als het hele vlak of een logisch deel daarvan gelegd is. Bij een gefaseerde oplevering legt u vaak niet het hele hellende vlak tegelijk af tot aan de overgang. U legt een deel, sluit dat netjes af met een tijdelijke randafwerking, en gaat later verder.

Dat tijdelijke einde van een fase is het punt waar het misgaat als u het aanpakt als een gewoon vlak. Een felsbaan die halverwege het vlak wordt afgekapt zonder dat er een goede overlap of aansluitrand is voorzien, ligt bij het vervolg van het werk niet meer precies waar hij moet liggen. De klem onder de fels is ontworpen om de baan op zijn plek te houden en uitzetting op te vangen, niet om een naad tussen twee bouwfasen af te dichten. Wilt u een fase laten eindigen op een punt midden op het vlak, dan moet die baan aflopen op een ondersteuning die daar toch al nodig was, zoals een gording of een aansluitprofiel, en niet zomaar in het niets.

Bij de overgang naar plat is dat aansluitprofiel vaak precies het punt waar u een fase logisch kunt laten eindigen. Het profiel ligt er, is bevestigd op het platte dakvlak, en de felsbanen die er straks op aansluiten kunnen in een latere fase gewoon vanaf die vaste rand verder gelegd worden. Dat is een andere volgorde dan bij bijvoorbeeld een groot open dakvlak, waar de knip in het werk minder gebonden is aan een vaste rand en meer aan de praktische indeling van de banen; dat leest u in het detail over de overgang naar een plat dak bij een groot open dakvlak. Bij de overgang naar plat ligt de knip vaak al vast door de bouwkundige situatie zelf, en die kunt u benutten in plaats van ertegenin werken.

Waar het misgaat als de omstandigheid genegeerd wordt

Het meest voorkomende probleem is dat de onderste rand van het hellende vlak wordt gelegd voordat het platte dak eronder klaar is, of omgekeerd, zonder dat er over de aansluiting is nagedacht. De dakdekker op het hellende vlak legt door tot aan de rand van het dak, in de veronderstelling dat het aansluitprofiel er later wel bij komt. Op het platte dak wordt vervolgens een andere partij ingehuurd die de dakbedekking optrekt tegen een rand die niet is voorbereid op het profiel dat er eigenlijk al had moeten liggen. Het resultaat is een aansluiting die met kit en improvisatie wordt dichtgemaakt in plaats van met het klemsysteem waarvoor het ontworpen is.

Een tweede risico zit in de tijd tussen de fases. Een tijdelijk afgewerkte rand die weken of maanden openligt voor weer en wind is een ander soort belasting dan een rand die meteen definitief wordt afgewerkt. Bij een gefaseerde oplevering moet die tussentijdse afwerking waterdicht zijn zonder dat ze in de weg zit bij het definitieve werk dat later komt. Dat vraagt om een tijdelijke oplossing die bewust is ontworpen als tijdelijk, en niet om een definitieve afwerking die achteraf weer openbreekt.

Er is ook een planningsrisico dat niets met de fysieke bevestiging te maken heeft, maar er wel direct uit voortvloeit. Als de volgorde van de fases niet op elkaar is afgestemd, komt de dakdekker die de felsbanen legt op het verkeerde moment op de bouw. Hij heeft het aansluitprofiel nodig voordat hij de onderste banen kan afwerken, en als dat profiel er nog niet ligt omdat de andere aannemer nog niet zo ver is, staat zijn planning stil op precies het punt waar hij niet verder kan zonder terug te komen. Dat is geen probleem van het systeem, maar een reden om de volgorde van leggen bij de start van het project al af te stemmen tussen de partijen die het platte en het hellende deel voor hun rekening nemen.

Wat dit betekent voor de planning van het werk

De praktische conclusie is dat de overgang naar plat bij een gefaseerde oplevering vraagt om het aansluitprofiel als eerste te plaatsen, ook als het hellende vlak daarboven pas in een latere fase wordt afgewerkt. Het profiel zelf is een klein onderdeel, snel gelegd, en het legt geen enkele belasting op het platte dak die niet toch al gedragen moet worden. Zodra het er ligt, kan de volgorde van de rest van het werk vrij worden ingedeeld zonder dat de aansluiting zelf nog een onzekere factor is.

Bij twijfel over waar precies een fase mag eindigen op het hellende vlak zelf, is het raadzaam om dat te laten samenvallen met een vast punt zoals een gording of het aansluitprofiel, in plaats van een punt midden op een vrij liggende baan. Wij denken op tekening mee over waar die knip het beste past bij een specifiek project, zonder dat daar kosten aan verbonden zijn.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContactPrivacyverklaring Klikzink
Contact
Adres
© Klikzink