Klikzink

Overgang naar plat dak bij een groot open dakvlak

Een hal of loods met een groot open dakvlak heeft meestal maar één overgang, maar die overgang moet dan wel het hele vlak aankunnen. Waar bij een woonhuis de fels-naar-plat-overgang een paar meter breed is, gaat het hier vaak om een lengte van tientallen meters. Het water dat over het hellende vlak naar beneden loopt, moet op dat hele front worden overgedragen aan het platte dak of de dakrand, zonder dat er ergens een plek is waar het blijft staan of terugloopt onder de fels.

De overgang zelf is geen apart onderdeel dat je erbij koopt. Het is de plek waar de onderkant van de laatste felsbaan aansluit op de goot, de dakrand of het aansluitende platte dakvlak, meestal met een eindstuk of een overgangsprofiel dat het water opvangt en afvoert. Bij een klein dak is dat een kwestie van precies passen. Bij een groot open dakvlak is het vooral een kwestie van wat er met die lange banen gebeurt voordat ze bij die overgang aankomen.

Lange banen, opgetelde uitzetting

Onze felsbanen zijn leverbaar tot 8000 mm, op de millimeter afgekort, en op een groot dakvlak wordt die lengte ook gebruikt. Dat scheelt naden en dus scheelt het risico op lekken langs een kopse verbinding. Maar een lange baan zet ook meer uit dan een korte. Staal zet ongeveer half zoveel uit als zink, wat op zichzelf al reden is voor de keuze, maar de uitzetting is niet nul. Bij een baan van 8 meter loopt dat op tot een waarde die de bevestiging moet kunnen opvangen zonder dat de baan gaat golven of de klem gaat trekken.

De klemmen onder de fels zijn daarop gebouwd: de baan ligt vast in de klem maar kan er in de lengte in bewegen. Er gaat geen schroef door de plaat, dus er is nergens een vast punt dat de uitzetting blokkeert. Bij een kort dakvlak merk je daar weinig van. Bij een lange baan op een groot open dak is dat verschil met een geschroefd systeem wel voelbaar: bij schroeven door de plaat moet je rekenen met verlengde gaten of een vast en een vrij eind, en bij een fout daarin zie je op termijn een plaat die gaat bollen of een schroef die om zijn gat heen gaat werken. Bij onze bevestiging zit die vrijheid er standaard in, over de volle lengte van de baan.

Waar dat wel toe leidt: bij de overgang naar het platte dak moet de laatste baan zijn bewegingsruimte houden, ook al zit die overgang vast aan een goot of een randprofiel dat zelf niet meebeweegt. Wie dat aansluitpunt te strak detailleert, alsof de baan er stilstaat, zet daar alsnog een vast punt neer dat de uitzetting van tientallen meters baan moet opvangen op een paar centimeter overlap. Dat is dezelfde fout die de blinde bevestiging net had voorkomen, maar dan verplaatst naar de rand.

Wind op een groot vlak

Een groot open dakvlak, zoals een hal zonder tussenliggende opbouwen, geeft de wind meer grip dan een dak met dakkapellen, schoorstenen of andere onderbrekingen die de luchtstroom breken. Dat speelt niet alleen op het middenvlak, maar juist ook bij de overgang naar het platte dak, waar de luchtstroom van richting verandert en de onderdruk plaatselijk hoger kan zijn dan verderop op het vlak.

De klemdichtheid, hoe dicht de klemmen onder de fels bij elkaar staan, is het antwoord daarop, en die dichtheid past zich aan de plek op het dak aan. Bij een groot open dakvlak betekent dat vaak een dichtere klemzetting bij de randen en de overgang dan in het midden van het vlak. Dat is geen kwestie van meer materiaal in het algemeen, maar van meer bevestigingspunten precies waar de wind het meest aangrijpt. Wie het hele dak met één klemafstand legt, alsof het vlak overal gelijk belast wordt, bespaart zich rekenwerk maar laat de rand onderbevestigd.

Volgorde op de bouw

Bij een groot open dakvlak wordt er vaak van twee kanten tegelijk gewerkt, of in stroken die na elkaar aansluiten. De blinde bevestiging maakt dat mogelijk zonder dat je aan een eerder gelegde baan hoeft te solderen: elke volgende baan klikt in de klem van de vorige, en de klemmen zelf zijn al vooraf op de ondergrond gezet. Dat is ook waarom een dag met goed weer op zo'n dakvlak veel vierkante meters dicht kan maken, meer dan bij een gesoldeerd systeem waar het tempo bepaald wordt door de snelheid van de soldeernaad, niet door de snelheid van de klik.

Bij de overgang naar het platte dak ligt dat anders. Daar werk je niet baan na baan door, maar sluit je een randdetail aan dat op maat gemaakt is voor die ene plek: de goot, het opstaand randprofiel, het overgangsstuk. Dat detail moet er liggen voordat de laatste banen ertegen aansluiten, of er moet ruimte gereserveerd zijn om het er later tussen te schuiven. Bij een klein dak valt een verkeerde volgorde te herstellen door een paar platen terug te halen. Bij een groot open dakvlak, waar in stroken van tientallen meters wordt gewerkt, is dat een dagdeel werk dat je liever niet overdoet.

Waar het misgaat als je de omstandigheid negeert

De fout die we het vaakst zien bij grote open dakvlakken is dat de overgang gedetailleerd wordt als bij een klein dak: een kort eindstukje, een vaste bevestiging aan de rand, een klemafstand die overal gelijk is. Dat werkt op een dakvlak van tien meter breed. Op een hal van vijftig of honderd meter breed telt de uitzetting van de banen op tot een waarde die het detail niet had voorzien, en staat de rand blootgesteld aan windbelasting die de gelijkmatige klemzetting niet dekt.

Wat er dan gebeurt, is niet meteen een lek op dag één. Het is een fels die na een paar jaar iets losser staat dan de rest, een plaat die bij harde wind meer speling laat zien aan de rand dan in het midden, een overgang die bij regen net iets langer nat blijft omdat de afwatering er niet helemaal recht op staat. Op zichzelf klein, maar het zijn precies de plekken waar een dak zonder doorboringen zijn eigen zwakke punt heeft: niet de plaat, niet de schroef, maar de rand en de overgang waar het systeem tegen iets anders aan moet.

Wie dat vooraf meerekent, in de klemzetting en in de ruimte die het randdetail aan de banen laat, hoeft achteraf niet bij te sturen. Dat is precies waar wij op tekening naar kijken: niet naar de kleur of de plaatafwerking, die zaken staan elders, maar naar hoe de bevestiging zich verhoudt tot de lengte van het vlak en de plek waar het hellende deel het platte dak raakt.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContactPrivacyverklaring Klikzink
Contact
Adres
© Klikzink