Klikzink

De kilgoot op houtwolcementplaat

Een kilgoot is de binnenhoek waar twee dakvlakken tegen elkaar aan lopen. Anders dan bij een hoekkeper, waar het dak naar buiten wijst en water naar twee kanten wegloopt, komt hier juist alles samen. Het water van beide vlakken zoekt de laagste lijn op en dat is precies de kil. Op een school of sporthal met een samengesteld dak kan dat een aanzienlijk deel van het totale regenwater zijn dat door één smalle strook loopt. Een fout op dit punt raakt dus niet één baan, maar het hele systeem daarboven.

De banen die op de kil aansluiten, eindigen er niet haaks op maar onder een hoek, meestal gelijk aan de hoek waarin de twee dakvlakken samenkomen. Dat betekent dat elke baan op maat afgekort wordt, op de millimeter, en dat de laatste klem vlak bij die schuine snede moet zitten om de plaat daar goed vast te houden. Bij een rechte baan op een vlak dakdeel is de klemafstand een kwestie van een vaste maat aanhouden. Bij de kil moet u kijken waar de punt van de baan het smalst wordt en de klem net daarvoor plaatsen, anders staat de plaat daar los en kan hij bij wind of temperatuurwisseling gaan trillen.

Waarom houtwolcementplaat hier extra aandacht vraagt

Houtwolcementplaat is een ondergrond die bij scholen, gymzalen en bedrijfshallen uit de jaren zestig en zeventig veel voorkomt. De plaat is opgebouwd uit houtwolvezels gebonden met cement, drukvast en behoorlijk stijf op het oog. Toch houdt hij een schroef minder goed vast dan een dakdekker op het eerste gezicht zou denken. Het materiaal is poreus, de vezelstructuur laat een schroefdraad makkelijk uitscheuren als er trekkracht op komt, en juist bij herhaalde belasting, zoals bij wind die aan een dakvlak trekt, verliest een verbinding in houtwolcement geleidelijk zijn grip.

In de kil zelf, waar onze klemmen onder de fels doorlopen, speelt dat probleem niet op dezelfde manier, want daar zit geen schroef door de plaat. De klem grijpt de fels vast en wordt op zijn beurt bevestigd op de ondergrond, en dat is precies het punt waar houtwolcement zijn eigenschappen laat gelden. Bij de kilgoot komt vaak een drager of ondersteuningsprofiel te liggen, omdat de plaat hier de grootste waterlast van het hele dak moet doorstaan. Die drager moet stevig verankerd zijn, en op houtwolcement betekent dat een andere keuze van bevestigingsmiddel en een andere tussenafstand dan op een houten of stalen ondergrond. Waar wij op een stalen dakplaat met een enkele schroef per klem kunnen volstaan, is op houtwolcement vaak een dichtere verdeling nodig, juist omdat elk bevestigingspunt minder trekkracht aankan.

De volgorde op de bouw

De kil wordt als een van de eerste onderdelen gelegd, nog voor de vlakke banen ertegenaan komen. Dat is geen kwestie van gemak maar van precisie: de kilgoot ligt vast, en de schuine eindes van de aansluitende banen worden daarop afgestemd, niet omgekeerd. Op de bouwplaats werkt dat prettiger dan achteraf banen bijknippen, want een schuine snede die achteraf wordt gecorrigeerd is zichtbaar minder recht dan een snede die vooraf is voorbereid.

Op houtwolcement komt daar een extra stap bij. Voordat de kilgoot en de drager erop bevestigd worden, is het verstandig te controleren of de plaat op die plek nog draagkrachtig genoeg is. Bij daken van vijftig jaar oud is het voorgekomen dat de kil, juist omdat daar het meeste water samenkomt, in het verleden vocht heeft doorgelaten voordat het dak werd vervangen. Dat vocht kan de plaat lokaal hebben aangetast, ook als de rest van het dakvlak er nog prima bij ligt. Een aannemer die dat over het hoofd ziet, bevestigt een nieuwe kilgoot op een ondergrond die op dat ene punt minder houvast biedt dan overal elders, en dat wordt pas zichtbaar als het al te laat is.

Wat er misgaat bij een fout

De klassieke fout bij een kilgoot is dat de klemafstand aan de rand van de schuine snede te ruim wordt gehouden, uit gewoonte of om tijd te besparen. Het gevolg is dat de punt van de baan bij harde wind kan gaan bewegen, en een bewegende plaat op de plek waar het meeste water langsstroomt is een van de snellere manieren om een lekkage te krijgen. Bij een vlak dakdeel valt zo'n fout soms jaren niet op. In een kil valt hij eerder op, omdat het water er meteen een weg naar binnen zoekt zodra er een kier ontstaat.

Op houtwolcement komt daar een tweede fout bovenop: te weinig bevestigingspunten voor de drager onder de kilgoot, in de veronderstelling dat de plaat wel stevig genoeg is. Dat is precies de aanname die bij dit materiaal vaker misgaat dan bij hout of staal. Een drager die op drie punten in plaats van vijf is verankerd, kan het merendeel van zijn leven probleemloos functioneren en dan bij één storm met veel windbelasting toch los gaan zitten, juist op het punt waar de belasting het grootst is.

Wij leggen op tekening altijd vast waar de kil precies loopt en hoe de aansluitende banen daarop worden afgekort, zodat op de bouwplaats niet ter plekke geïmproviseerd hoeft te worden. Dat scheelt in de uitvoering, en het scheelt vooral achteraf, wanneer een dak twintig jaar dienst moet doen zonder dat iemand er nog naar hoeft te kijken. Voor wie de kil in een groter geheel wil zien: hoe de aansluitende dakvlakken zelf worden bevestigd op deze ondergrond, staat beschreven bij [een klikdak op houtwolcementplaat](/bevestiging/houtwolcementplaat), en de tegenhanger van de kil, waar twee vlakken juist naar buiten toe samenkomen, behandelen wij bij [de hoekkeper op houtwolcementplaat](/bevestiging/houtwolcementplaat/hoekkeper).

De kilgoot is een van die details waarbij de bevestiging niet zichtbaar is, maar wel bepalend voor of het dak zijn werk doet. Op houtwolcement telt dat net iets zwaarder, omdat de ondergrond zelf minder marge geeft dan zijn stevige uiterlijk doet vermoeden.

Terug naar het overzicht

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContactPrivacyverklaring Klikzink
Contact
Adres
© Klikzink