Klikzink

De kilgoot bij een gefaseerde oplevering

De kilgoot is de binnenhoek waar twee dakvlakken samenkomen en al het water van beide vlakken samen naar één lijn stuurt. Dat maakt het al onder normale omstandigheden een plek waar de bevestiging klopt moet zijn, want de banen eindigen er niet recht maar schuin, op de gootlijn afgesneden. Bij een gefaseerde oplevering komt daar een tweede complicatie bij. Het dak gaat niet in één werkgang dicht, maar in delen, met dagen of weken ertussen. En precies op de plek waar de meeste belasting samenkomt, moet dan ook nog een naad tussen twee bouwfasen liggen.

Waarom er gefaseerd gewerkt wordt, ligt meestal niet aan het dak zelf. Een steiger die in delen vrijkomt, een bouwvolgorde waarbij de ene vleugel eerder klaar moet zijn dan de andere, een dakdekker die op twee projecten tegelijk zit: dat bepaalt wanneer welk vlak aan de beurt is. De kil ligt daar vaak middenin, omdat die nu eenmaal het punt is waar twee vlakken, en dus vaak twee fases, elkaar raken.

Wat er aan de bevestiging verandert

Op een gewoon dakvlak, ver van de kil, is een naad tussen twee fases niet zo spannend. De klemmen onder de fels grijpen de baan vast zonder dat er een schroef doorheen gaat, en een volgende baan klikt daar gewoon weer op aan, ook als er tussen het leggen van de ene en de andere baan een week zit. De klem kent geen datum. Wat wel telt, is of de ondergrond waarop de klem is bevestigd op het moment van klikken nog even vast ligt als toen de eerste helft werd gelegd.

In de kil ligt dat anders, omdat daar de aflopende banen van beide vlakken op de gootlijn samenkomen en de klemmen dicht bij die kwetsbare rand moeten staan. Een baan die schuin op de kil eindigt, heeft aan de onderkant minder plaat over om een klem goed te laten grijpen dan een baan die haaks op de goot afloopt. Als de eerste fase van het dak al ligt en de tweede fase pas later wordt aangesloten, moet die aansluiting precies op de plek gebeuren waar de plaat al smal is. Doet u dat zoals op een vlak stuk dak, met een klem die op de gok een paar centimeter van de rand af staat, dan kan die klem net op de plek vallen waar de plaat straks een gat in het felsprofiel oplevert, of net te dicht op de rand waar hij bij uitzetting niet genoeg speling heeft.

Wat er misgaat als u de kil behandelt als een gewoon vlak

De meest gemaakte fout bij een gefaseerde oplevering is dat de kil wordt ingedeeld als was het een doorlopend vlak dat toevallig in twee keer wordt gelegd. De eerste fase wordt afgewerkt tot op de gootlijn, netjes en waterdicht voor dat moment. Weken later komt de tweede fase erbij, en dan blijkt dat de baanverdeling van het tweede vlak niet aansluit op die van het eerste. De schuine snede op de kil komt dan niet meer overeen met de klemposities die al onder de eerste helft liggen, en de aannemer staat voor de keuze: een baan versnijden op een plek waar dat niet handig is, of een klem verplaatsen op een rand die al vastligt.

Een voorbeeld uit de praktijk maakt dat concreet. Bij een dakrenovatie met twee bouwdelen die na elkaar werden opgeleverd, lag het eerste dakvlak van de kil er al een maand voor het tweede vlak aan de beurt was. De dakdekker had de eerste helft van de kil gewoon doorgelegd tot de gootlijn, zonder rekening te houden met waar de tweede helft straks zou beginnen. Toen die tweede helft aan de beurt kwam, bleek de laatste baan van het eerste vlak een paar centimeter te kort om een volwaardige klem te plaatsen op de plek waar beide vlakken elkaar in de kil raken. Er moest een extra klem tussengevoegd worden op een plaats die daar niet voor bedoeld was, en dat is precies de constructie die op een dak zonder doorboringen een zwakke plek oplevert die een schroefdak niet op die manier kent: geen gat dat kan gaan lekken, maar een klem die niet de volle grip heeft waarvoor hij ontworpen is.

Het verschil met een aansluiting die vanaf het begin wel rekening houdt met een latere fase, zoals wij ook beschrijven bij [de kilgoot bij een klikdak](/bevestiging/kilgoot), is dat de baanverdeling van beide vlakken al bij de eerste fase wordt vastgelegd, ook als het tweede vlak nog niet gelegd wordt. Dat betekent dat de laatste baan van fase één zo wordt gekozen dat de klemmen erlangs precies daar staan waar fase twee straks op aansluit, in plaats van dat de klemverdeling van fase één toevallig ophoudt waar de steiger toevallig wegging.

Waar u een fase mag laten eindigen

De vraag die bij een gefaseerde oplevering steeds terugkomt, is waar een naad tussen twee fases mag liggen zonder dat die een zwakke plek wordt. Het antwoord ligt niet in de kil zelf, maar op enige afstand ervan. Een naad die precies op de kil valt, zet de klemmen daar onder dubbele druk: ze moeten de rand van de baan vasthouden op de plek waar de plaat al smal is door de schuine snede, en ze moeten dat doen op een las tussen twee bouwmomenten. Beter is het de laatste volledige baan van een fase te laten eindigen op een heel dakvlak, een meter of meer van de kil af, en de kil zelf in één doorgaande beweging te leggen zodra beide aansluitende vlakken aan de beurt zijn. Dat is niet altijd mogelijk als de bouwvolgorde dat niet toestaat, maar het is wel het uitgangspunt waar u vanaf wijkt, niet waar u toevallig op uitkomt.

Als het echt niet anders kan en de naad wel in de buurt van de kil moet liggen, dan is het zaak om dat vooraf op tekening te bepalen in plaats van op het dak te improviseren. Daarvoor is precies te bepalen waar de klemposities van de eerste fase moeten komen, zodat de tweede fase daar zonder haperen op aansluit. Bij Klikzink kijken wij op tekening mee met dat soort indelingen, en de banen worden op de millimeter afgekort geleverd, van 450 tot 8000 millimeter. Dat betekent dat een baanverdeling die rekening houdt met een fasering al in de fabriek wordt vastgelegd, in plaats van dat er op het dak nog gerekend en versneden moet worden op het moment dat de tweede fase aan de beurt is.

Ondertussen blijft de kil zelf de plek waar de meeste belasting samenkomt, of het dak nu in één of in meerdere fases wordt gelegd. Het gewicht van de banen, ongeveer vijf kilo per vierkante meter, en de uitzetting van het staal, ongeveer half zoveel als bij zink, veranderen niet door de bouwvolgorde. Wat verandert, is dat u bij een gefaseerde oplevering de klemposities niet aan het toeval van de steigerplanning mag overlaten. Een architect of aannemer die een dak in delen laat opleveren, doet er daarom goed aan de baanverdeling rond de kil al bij de eerste fase compleet te laten uittekenen, ook voor het deel dat nog niet gelegd wordt.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContactPrivacyverklaring Klikzink
Contact
Adres
© Klikzink