Klikzink

De gevelaansluiting bij winterwerk

Waar een dakvlak tegen een opgaande muur aankomt, moet de aansluiting twee dingen tegelijk doen. Ze moet water keren en ze moet meebewegen met de baan die erlangs ligt. Dat meebewegen gebeurt via een loodslabbe of een profiel dat over de opstaande rand van de laatste baan valt, los genoeg om de uitzetting van het staal op te vangen maar dicht genoeg om geen water door te laten. In de zomer is dat een kwestie van op maat maken en netjes aansluiten. In de winter komt daar een reeks factoren bij die niets met het ontwerp van de aansluiting te maken hebben, maar er alles mee te maken hebben of hij goed gelegd wordt.

Het eerste is de temperatuur van het materiaal zelf. Onze felsbanen zijn koud vouwbaar tot vijftien graden onder nul, en dat getal staat er niet voor niets. Onder die temperatuur wordt staal stugger en breekt een fels eerder dan dat hij vouwt. Bij de gevelaansluiting wordt vaak het scherpste gevouwen: de opstaande rand tegen de muur, de terugslag van de slabbe, de hoek waar twee vlakken samenkomen. Dat zijn precies de plekken waar een te koude plaat gaat scheuren in plaats van meebuigen. Een dakdekker die op een vorstochtend met een rol materiaal vanuit een onverwarmde loods naar het dak loopt en meteen gaat vouwen, merkt dat de plaat anders reageert dan een week eerder. Niet dramatisch, maar wel anders: iets meer weerstand, iets minder marge voor een tweede correctie.

Het tweede is vocht op het materiaal en op de ondergrond. Nat metaal gedraagt zich niet anders in de klem, dat is geen probleem van bevestiging. Maar bij de gevelaansluiting werkt de aannemer vaak met een kitvoeg of een afdichtband tegen de muur, en die producten hechten niet op een natte of berijpte ondergrond. Een slabbe die er op het oog prima bij ligt, maar waarvan de rand tegen een vochtige spouwmuur is gekit, lekt over een paar maanden niet omdat de klikverbinding faalt, maar omdat de kitvoeg nooit heeft vastgezeten. Dat is een fout die je in december maakt en in maart pas ziet.

Waarom de klik zelf weinig last heeft van winterwerk

De klemverbinding onder de fels is in dit verhaal het onderdeel dat het minst gevoelig is voor kou. De klem is van metaal, wordt niet slap bij vorst, en het mechanisme waarmee de baan erin klikt, verandert niet met de temperatuur. Dat is een van de dingen die winterwerk met klikbanen anders maakt dan winterwerk met soldeerverbindingen: solderen bij vorst en vocht is nauwelijks te doen, omdat het tin niet goed vloeit op een koude, vochtige ondergrond en de naad zijn sterkte niet haalt. Bij een klikverbinding zit die afhankelijkheid er niet in. De klem pakt de fels vast zoals hij dat bij tien graden ook doet.

Dat verschil is precies waarom mensen denken dat winterwerk met dit systeem geen aandacht vraagt. De bevestiging is inderdaad minder temperatuurgevoelig. Maar de aansluiting op de gevel bestaat niet alleen uit klemmen. Ze bestaat uit een vouw in de plaat, een overlap met de muur, en meestal een kitvoeg of afdichtband die de laatste centimeters afsluit. Van die drie onderdelen is alleen de klem ongevoelig voor het jaargetijde. De andere twee zijn dat wel, en juist daar zit het risico als iemand aanneemt dat het hele systeem winterbestendig is omdat de klik dat is.

Wat er misgaat als u doorwerkt alsof het zomer is

Het meest voorkomende probleem is niet de scheur in het materiaal, want die zien de meeste vakmensen wel als hij ontstaat. Het probleem is de voeg die er goed uitziet en het niet is. Een aannemer die onder tijdsdruk staat, bijvoorbeeld omdat een gefaseerde oplevering vastligt en het dak voor de kerst dicht moet, is geneigd de kitvoeg langs de gevelaansluiting toch te zetten, ook al is de muur nog vochtig van de regen die twee uur eerder viel. De voeg oogt afgewerkt. Ze doet haar werk niet. Dat komt pas aan het licht bij de eerste stevige regen tegen de gevel, meestal in het volgende najaar, en dan is de oorzaak niet meer te zien: de voeg zit er nog, ze heeft alleen nooit gehecht.

Een tweede probleem is de volgorde van werken die onder tijdsdruk verandert. Normaal gesproken wordt de laatste baan tegen de gevel gelegd, de opstaande rand gevouwen, en dan de slabbe erover gezet en afgekit. Bij winterwerk, met korte dagen en een team dat het dak voor het donker dicht wil hebben, wordt die volgorde soms omgedraaid: de slabbe erop, en de kitvoeg de volgende ochtend, als het licht weer beter is. Dat lijkt een kleine aanpassing, maar het betekent dat de aansluiting een nacht lang open ligt voor vocht dat er via de vouw achter kan komen. Bij een dakvlak dat toch al zes maanden weer moet doorstaan, is één nacht in de meeste gevallen geen ramp. Bij een gevelaansluiting waar al water tegenaan slaat, kan het wel het moment zijn waarop vocht een weg naar binnen vindt die er bij normale planning niet was geweest.

Het derde probleem is materiaal dat te koud verwerkt wordt omdat de planning geen ruimte laat om te wachten. Vijftien graden onder nul is een grens, geen richtlijn die u bij veertien graden onder nul nog even oprekt omdat de baan toch al op de rol ligt. Bij de gevelaansluiting, waar scherpe vouwen samenkomen met een precieze pasvorm rond een muurdoorgang of een hoekprofiel, is de marge kleiner dan op een vlak dakdeel. Een fabricagefout die op het middenvlak een kras zou zijn geweest, is bij de aansluiting een scheur in de vouw die het waterkerende deel van het detail direct raakt.

Wat wel kan en wat u beter uitstelt

De klemmen plaatsen en de banen leggen kan bij winterse temperaturen zolang het materiaal niet onder de vouwgrens komt en er geen ijs of sneeuw op de ondergrond ligt waar de klem op moet worden vastgezet. Dat is werk dat, afgezien van kortere daglichturen en het ongemak van de kou voor de mensen die het uitvoeren, gewoon door kan.

Wat u beter uitstelt, of in ieder geval verplaatst naar een moment dat de omstandigheden het toelaten, is alles wat met hechting van een tweede materiaal op het metaal of de gevel te maken heeft. Een kitvoeg zetten op een vochtige of berijpte ondergrond levert een voeg op die er ligt maar niet werkt. Een afdichtband aanbrengen op een muur die nog vorstvocht bevat, geeft hetzelfde probleem. In de praktijk betekent dat: de plaatwerker kan zijn banen leggen en de slabbes vouwen, maar de laatste afdichting tegen de gevel wacht tot de ondergrond droog is, ook als dat een dag later is dan gepland.

Voor een opdrachtgever die de planning bewaakt, is het verstandig om deze knip vooraf te benoemen: het dakvlak dicht is niet hetzelfde als de gevelaansluiting afgewerkt. Bij een normale bouwperiode vallen die twee vaak op dezelfde dag. Bij winterwerk is het reëel dat er een paar dagen tussen zit, en dat is geen vertraging die op de uitvoerder valt, het is de consequentie van een detail dat afhankelijk is van een droge ondergrond. Wie dat van tevoren weet, plant er ruimte voor in plaats van dat de druk op de laatste dag van het project komt te liggen op precies het detail dat het meest tijd nodig heeft.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContactPrivacyverklaring Klikzink
Contact
Adres
© Klikzink